Wat mag de politie bij een arrestatie wel en niet doen?

Henriquez overleed kort na zijn arrestatie. Wat zijn eigenlijk de regels waar agenten zich aan moeten houden? En mag dat wel, zo'n nekklem?

Mitch Henriquez is aangehouden en kort daarop overleden. Wat de rijksrecherche nu onderzoekt is wat het verband daartussen is: is hij gestorven door het geweld dat is gebruikt bij de aanhouding, of speelden er andere zaken mee. En was dit geweld toelaatbaar?

Er is nog veel onduidelijk, zoals bijvoorbeeld – en dat is belangrijk – waar Henriquez uiteindelijk aan is bezweken. Maar de beelden van de arrestatie die zijn opgedoken zijn onvoldoende om te concluderen dat er veel mis is gegaan bij de arrestatie van de 42-jarige man. Dat zegt Jaap Timmer, hoofddocent maatschappelijke veiligheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam en specialist politiegeweld. Er zijn bijvoorbeeld geen aanwijzingen dat de man onophoudelijk op zijn hoofd is geslagen met een wapenstok, wat een zelfverklaarde getuige op de site Justice for Mitch Henriquez zegt.

Wel is te zien dat een aantal politiemannen Henriquez op de grond houden, deels op hem zitten. Sommigen zeggen in de beelden te zien dat de man bij zijn nek wordt vastgegrepen, en dat hij mogelijk daardoor is gestikt. Mag dat wel, een nekklem? Welk geweld mogen agenten eigenlijk gebruiken?

Als het doel het rechtvaardigt

Eigenlijk ligt maar ten dele vast welk geweld is toegestaan, zegt Timmer. Agenten mogen volgens de wet bij het uitvoeren van hun wettelijke taak (handhaven rechtsorde, handhaven openbare orde, hulpverlening) geweld gebruiken als het doel dat rechtvaardigt, bijvoorbeeld voor het aanhouden van een verdachte. Bovendien moet dat doel niet op andere manieren – geweldloos – kunnen worden bereikt. En het geweld moet niet overdreven zijn: het moet ‘redelijk en gematigd’ zijn in verhouding tot het beoogde doel.

De wet stelt voor bepaalde soorten geweld nadere regels: voor het gebruik van vuurwapens en pepperspray. „Een agent mag schieten om iemand aan te houden, maar alleen als die verdachte vuurwapengevaarlijk is of wordt verdacht van zo’n een ernstig geweldsmisdrijf dat de aanhouding geen uitstel kan lijden.” En dan moet de agent schieten om iemand te stoppen, niet om te doden. Oftewel: schieten ergens beneden de broekriem – heupen, bovenbenen.

Voor het ‘mindere’ geweld zijn er geen nadere voorschriften. „Welk type geweld agenten in de praktijk toepassen wordt gestuurd via de opleiding en de training van agenten”, zegt Timmer. Daar leren de agenten gebruik van vuist, overstrekking, de beenveeg, de trap, de armklem, enzovoorts.

In de opleiding van de gewone agent worden de nekklem en de hoofdklem niet aangeleerd. Die leren alleen de specialisten van de arrestatieteams, zegt Timmer. „Daar is discussie over, omdat agenten deze grepen soms wel toepassen, en niet kan worden gegarandeerd dat ze het goed doen. Dan is er een risico van verwurging, of van schade aan het strottenhoofd. Maar het is niet zo dat het verboden is, omdat het niet in de opleiding wordt aangeleerd.”

Het ligt volgens Timmer ook niet vast dat hier sprake is van verwurging. „Het is niet uitgesloten dat de man onder invloed was van drugs, en daardoor minder gevoelig voor de pijnprikkels die de politie toepast bij aanhouding. Ook is de hartslag dan vaak al sterk verhoogd, waardoor iemand ineens kan inzakken.”