Universiteit: integriteit in geding bij taalfoutonderzoek

Exterieur van de Rijksuniversiteit Groningen. Foto ANP / REMKO DE WAAL

Taalwetenschappers Anouk van Eerden en Mik van Es weigeren dertig teksten te overhandigen die zij hebben gebruikt bij hun proefschrift over taalvaardigheid van studenten. Volgens een onderzoekscommissie van de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) schenden zij hiermee de wetenschappelijke integriteit.

Een woordvoerder van de RuG laat weten dat de universiteit geen sanctie kan opleggen omdat het duo niet meer verbonden is aan de instelling.

Melding van discriminatie

Van zijn kant heeft Van Es onlangs op zijn website aangekondigd bij een meldpunt discriminatie melding te zullen doen van het gedrag van het College van Bestuur van de RuG. Hij stelt dat dit is beïnvloed door zijn activiteiten als travestiet binnen de transgenderbeweging.

Het proefschrift van Van Eerden en Van Es trok vorig jaar de aandacht omdat hieruit bleek dat eerstejaarsstudenten aan universiteit en hogeschool respectievelijk veertig en tachtig taalfouten per A4-tje maken. Het duo ontwikkelde het online-taalprogramma TAVAN, waarmee ze erin slaagden om deze taalfouten in korte tijd met twintig procent te reduceren.

Hoog aantal fouten

De hoogleraren taalwetenschap Peter-Arno Coppen (Nijmegen), Carel Jansen (Groningen) en Marc van Oostendorp (Leiden) verbaasden zich over het hoge aantal fouten en vroegen bij de gepromoveerden de teksten van de studenten op om te beoordelen of de telmethode wel deugde. Toen de Groningers dit weigerden, onder meer met een beroep op de privacy van de studenten, diende het drietal een klacht in.

Een Groningse onderzoekscommissie oordeelde vorig jaar dat wetenschappers zulke gegevens behoren te verstrekken. Van Es en Van Eerden volharden echter in hun weigering, ondanks aandringen van het bestuur van de RuG. Zij stellen dat de ‘gedragscode wetenschapsbeoefening’ van de Nederlandse universiteiten alleen betrekking heeft op “onderzoeksdata” (getallen) en niet op “onderzoeksmateriaal” (zoals deze teksten).

Bij de promotie hebben Van Es en Van Eerden een eed afgelegd dat zij zich zullen houden aan de gedragscode wetenschapsbeoefening. “Die eed blijkt in dit geval een wassen neus”, zegt klager Van Oostendorp.

De in het proefschrift gebruikte teksten zijn voor tweederde geschreven door studenten van de Hanzehogeschool. De Hanzehogeschool maakt in het onderwijs gebruik van het door Van Eerden en Van Es ontwikkelde taalverbeteringsprogramma TAVAN. De hogeschool, waar Van Eerden ook als docent werkt, laat desalniettemin weten dit een zaak van de RuG te vinden, waar zij volledig buiten staat.