Column

De wond van MH17 gaat opnieuw open

Brandpunt Reporter overMH17.

De geur van kerosine hangt er nog steeds. Fotograaf Pierre Crom kan het ruiken, ondanks de straffe wind die er over het veld nabij het dorpje Grabovo waait. We zien een licht glooiend landschap met groene halmen, leeg, rustiek, vandaag zonnig. Een „verschrikkelijke plek”, volgens Crom. Daar, wijst hij, daar lag MH17. Een stuk van MH17. En hier, op de weg, lagen stoffelijke resten, ledematen, en daar lagen mensen in vliegtuigstoelen, tientallen, en hun bagage, „allemaal dooreen met de brokstukken van het vliegtuig”. Het veld draagt nog de sporen van de MH17 die er bijna een jaar geleden crashte. Dááraan moet Crom dit schuldige, maar onopvallende landschap herkend hebben: grote bruine open schroeiplekken. Het gras heeft kennelijk nog niet de kans gehad de plek te overwoekeren.

Een grasveld dat inferno was: zulke contrasten hebben de MH17-ramp altijd omgeven. Het vliegtuig vol mensen die je kende of die iemand die je kende kende, die hoog in het luchtruim boven het oosten van Oekraïne omkwamen dankzij een politiek conflict om het stukje grond eronder.

Die contrasten gebruikte de reconstructie van de week van en na de ramp van Brandpunt Reporter (KRO), meteen in de eerste minuten. We schakelen dan tussen gebeurtenissen op twee tonelen: de vader die zijn kinderen naar Schiphol brengt tegenover de Boek-raket die door Donetsk wordt gereden. Een appje dat de piloot van MH17 aan zijn vrouw stuurt, tegenover een telefoongesprek tussen separatisten: „Er is een ‘vogeltje’ naar jullie toe gevlogen.” Zo werd je meteen terug in de tijd geworpen. Wond weer open.

Dit is de eerste uitgebreide tv-reconstructie van de ramp – en aan het aantal geïnterviewden valt af te zien waar het werk in moet hebben gezeten: het verzamelen van al hun verhalen. Het verhaal van buurtbewoner Aleksander, die vertelt dat mijnwerkers hun werk neerlegden en de zonnebloemvelden in trokken, om te helpen zoeken. Het verhaal van Malaysia Airlines-baas Huib Gorter, die een dagje vrij had en onderweg naar Schiphol een pakje sigaretten kocht, terwijl hij was gestopt. Het verhaal van de ouders van een 18-jarig slachtoffer, die door diens mobieltje worden gebeld – ontvreemd van de crashsite. Het verhaal van Peter van Vliet, forensisch onderzoeker, die iets moest ondertekenen om de trein met lichamen in beweging te zetten, en er in het Nederlands bij schreef: ‘Dit is geen erkenning van de republiek Donetsk.’ Het verhaal van Johan van Soest, commandant van de Vliegbasis Eindhoven, die op schaal alle rouwauto’s nabouwde, om de ceremoniële aankomst van de kisten te kunnen oefenen.

Zoveel verhalen, soms maar een flard, wat dan toch genoeg bleek. En de 90 minuten vlogen om, al bevredigden ze ook niet geheel. Dat is te wijten aan de Haagse bewindspersonen, die schitterden door afwezigheid. Rutte, Schoof, Timmermans, weigerden zij mee te werken? Slap, want het was er politiek ‘ongevaarlijk’ genoeg voor. Rutte had kunnen zeggen wat hij op de avond van 17 juli zei: „Deze prachtige zomerse dag eindigt in alle opzichten gitzwart.” (Treffend contrast.)

Voor een definitieve reconstructie bleek het te vroeg, het verhaal is nog niet afgelopen. Het is te hopen dat die open plek niet overwoekert.