Talloze vrouwen verkracht en levend verbrand door Zuid-Soedanese leger

Soldaten van het Zuid-Soedanese leger in de buurt van het dorpje Bor. Volgens een rapport van de VN-missie in Zuid Sudan heeft het leger zich schuldig gemaakt aan verregaande mensenrechtenschendingen.
Soldaten van het Zuid-Soedanese leger in de buurt van het dorpje Bor. Volgens een rapport van de VN-missie in Zuid Sudan heeft het leger zich schuldig gemaakt aan verregaande mensenrechtenschendingen. Foto AFP/ Ali Ngethi

Soldaten van het Zuid-Soedanese regeringsleger en aan hen loyale milities hebben talrijke vrouwen en meisjes ontvoerd, verkracht en levend verbrand. Dat staat in een vandaag gepresenteerd rapport van de VN-missie in Zuid-Soedan.

De VN-missie in Zuid-Soedan (UNMISS) sprak met 115 overlevenden en ooggetuigen uit een aantal provincies die sinds eind april van dit jaar werden aangevallen door het Soedanese Volksbevrijdingsleger (SPLA).

‘Haat dieper dan politieke tegenstellingen’

Naast de verkrachtingen en moorden zijn hele dorpen geplunderd en platgebrand, meer dan tienduizend inwoners zijn op de vlucht geslagen. Volgens het rapport is er sprake van verregaande mensenrechtenschendingen.

“Schaal en intensiteit van de wreedheden duiden op een haat die dieper gaat dan politieke tegenstellingen”

Het Zuid-Soedanese leger heeft nog niet gereageerd op de beschuldigen. Een woordvoerder van de SPLA spreekt de mensenrechtenschendingen tegen.

Leiders alle legitimiteit verloren

Zuid-Soedan is sinds eind 2013 verwikkeld in een burgeroorlog die al aan tienduizenden mensen het leven heeft gekost. De politieke rivalen president Salva Kiir en de vorige vicepresident Riëk Machar richten met hun strijders bloedbaden aan onder de burgerbevolking. Volgens een onderzoekscommissie, ingesteld door de Afrikaanse Unie (AU) hebben de leiders alle legitimiteit verloren en moeten zij aftreden.

Het jonge land dat in 2012 onafhankelijk werd, zou volgens de commissie onder curatele moeten worden gesteld van de VN en de Afrikaanse Unie.