De Uitspraak: Als de bestuurder een gestolen kluis achterin heeft, is de passagier dan de heler?

Is de bijrijder van iemand die op de  achterbank een gestolen kluis heeft  liggen automatisch de heler van de  kluis? Met commentaar van NJB-expert Joost Nan, docent strafrecht aan de Erasmus Universiteit en advocaat.

De Zaak. De politie achtervolgt een  verdachte personenauto die maar niet  wil stoppen. De auto was eerder in verband gebracht met inbraken. Als de  auto met een lichte aanrijding tot stilstand komt, slaan vier mannen op de  vlucht. Op de achterbank treft de politie een beschadigde kluis aan. Drie  van de vier worden gearresteerd. Deze  zaak gaat over één van hen. Hem  wordt (alleen) heling van de brandkast  ten laste gelegd. In dit geval voor het   ‘voor handen hebben’ van gestolen  goed, terwijl je weet dat het van diefstal afkomstig is. Of waarvan je althans  de kans op de koop toe neemt dat het  om gestolen goed gaat.
 Wat deed de verdachte  in die auto en waarom rende  hij weg?  De  man ontkent betrokkenheid bij de inbraak en zegt niets van de brandkast  op de achterbank te hebben geweten.  Dat wegrennen deed hij omdat hij  geen verblijfsvergunning had en bang  was voor uitzetting. Hij zegt in de auto  hoofdzakelijk diep te hebben geslapen,  als gevolg van  drank- en drugsgebruik.  Pas toen de auto met een klap stilstond werd hij wakker, zag hij overal  zwaailichten van politieauto’s en besloot hij er in paniek  vandoor te gaan.
Wanneer neemt de rechter aan  dat een verdachte van heling iets  ‘voor handen heeft’?
De strafrechter heeft daarin best  wat ruimte. In een zaak waarin ooit  een verdachte achterop een brommer  sprong die zijn maat voor zijn ogen uit  een winkel stal, nam de rechter aan  dat als je samen een gestolen brommer gebruikt om te vluchten ook de  passagier geacht kan worden die ‘voor  handen te hebben’. Als je  uit nieuwsgierigheid kort een gestolen voorwerp  vasthoudt telt dat niet als ‘voor handen hebben’. Er moet sprake zijn van  een zekere zeggenschap, een zekere  mate van beschikken over het gestolen voorwerp.
Is een gestolen kluis op de achterbank voldoende zeggenschap?  Het Gerechtshof vindt van wel, maar  de Hoge Raad niet. Het Hof gelooft niet  dat de verdachte dwars door de politievervolging heen sliep en pas wakker werd toen de auto stilstond. Wel  neemt het Hof aan dat de verdachte  zich pas van de  kluis op de achterbank  echt bewust werd, vlak voordat de auto tot stilstand kwam. Ook denkt het  Hof dat de man zich toen moet hebben  gerealiseerd dat de kluis gestolen was.  Dat de man vluchtte maakt hem ook  verdacht  - als hij gewoon bij de auto  was gebleven had hij zich duidelijk  kunnen distantiëren van de andere  daders.
Maar de Hoge Raad vindt het bewijs  daarvoor te mager. Het ‘zich bewust  zijn van de kluis’ heeft te kort geduurd  om  van ‘voor handen hebben’ te kunnen spreken. Het is zelfs de vraag of de  bijrijder zich überhaupt wel bewust  van de kluis is geweest. Het wegrennen kan ook worden gezien als ‘vluchten voor de kluis’. De zaak moet daarom opnieuw beoordeeld worden,  vindt de Hoge Raad.

Lees hier de uitspraak (ECLI:NLL:HR:2015:1456) van de Hoge Raad maar vooral, de conclusie van de AG (ECLI:NL:PHR:2015:803)

Reageren? Volledige naamsvermelding verplicht.