Nederland wist niet van aanvallen

Nederland was er door westerse bondgenoten niet van op de hoogte gesteld dat al in mei 1995 was besloten bombardementen op Servische doelen op te schorten. In juli van dat jaar werd de moslimenclave Srebrenica door Bosnisch-Servische militairen aangevallen. Nederlandse VN-militairen die de enclave onder hun hoede hadden, vroegen bondgenoten tevergeefs om luchtsteun. Ook bestonden er voorafgaand aan de val van de enclave specifieke inlichtingen die wezen op een op handen zijnde aanval, maar die werden ook niet met Nederland gedeeld.

Dat blijkt uit een documentaire van onderzoeksprogramma Argos die vanavond wordt uitgezonden. De makers baseren zich voornamelijk op 341 Amerikaanse documenten uit die periode die in 2013 openbaar gemaakt werden door Bill Clinton, de president tijdens de Bosnische oorlog. Joris Voorhoeve, destijds de Nederlandse minister van Defensie, reisde met de Argos-journalisten terug naar Srebrenica en bevestigt dat hij tijdens de val van de enclave niets wist van de inmiddels geopenbaarde Amerikaanse informatie.

Bij de inname van Srebrenica werden onder leiding van Bosnisch-Servische legerleider Ratko Mladic zo’n 8.000 moslimmannen om het leven gebracht. Nederlandse Dutchbat-militairen is verweten dat zij niet ingrepen terwijl mannen werden afgevoerd en vrouwen verkracht. Vorige week nog kregen de families van drie slachtoffers een schadevergoeding en excuses van de staat.