Op kamp met gluten, teken en heimwee

Afscheid van de basisschool: de meeste kinderen uit groep 8 gingen op kamp. Niet alle ouders vinden dat makkelijk.

Een schoolkamp is vaak vooral voor de ouders een hele onderneming.
Een schoolkamp is vaak vooral voor de ouders een hele onderneming. Foto Merlijn Doomernik

De grootste angst was een tekenbeet. Het kamp in groep 8 van Dewi van Putten (12) ging naar het bosrijke Austerlitz en dan zit een tekenbeet in een klein hoekje. Haar moeder Sandra van Putten was niet de enige ouder die zich zorgen maakte over de teken. De school pakte het goed op. Elk kind zou elke dag worden nagekeken. In het geval van een beet zou er een ring omheen worden gezet met watervaste stift.

Vrijwel elke groep 8 heeft het laatste jaar op de basisschool afgesloten met een week kamp. Een feest voor de meeste kinderen. Een moeizaam afscheid voor sommige ouders. Een leuke maar intensieve week voor leerkrachten. Want niet alle ouders geven hun kinderen even makkelijk uit handen. Ze willen zeker weten dat het goed gaat, zeker als er extra zorg nodig is.

Op internetfora maken moeders (geen vader te bekennen) zich vooral druk over de heimwee van hun kind. Verschillende moeders overwegen hun kind ziek te melden in de kampweek. Andere moeders raden aan al ver voor het kamp te oefenen. En een telefoon mee te geven zodat het kind ’s avonds kan bellen. Er zijn verhalen over onderbroeken die allemaal ongebruikt terugkomen. En over zwembroeken die tóch in de tas zaten.

Tania Bouwman, leerkracht groep 8 van De Zonnestraal in Den Haag, vond een meisje met glutenallergie de grootste uitdaging. „Ze had eigen pannen.” Het voordeel is dat De Zonnestraal naar een kamphuis gaat met een eigen kok. Tania Bouwman: „Als we dieetwensen tevoren doorgeven, is alles te regelen. Notenallergie, fruitallergie, koemelkintolerantie – de kok kan overal rekening mee houden en maakt gewoon een apart schaaltje.”

Loslaten

Er zijn kinderen die tegen de kampweek opzien, maar vaker zijn het de ouders. Soms nemen de kinderen de zorgen van papa en mama over. „Als je met een kind praat, merk je al snel of ze zelf een probleem zien of hun vader of moeder”, zegt Bouwman. „Er zijn ouders die grote moeite hebben met loslaten.”

Soms beginnen ouders al over het kamp als ze hun kind komen aanmelden voor de kleutergroep. Ze krijgen dan meteen te horen dat het kamp verplicht is. „Dat maakt het makkelijker. En ze hebben veel tijd om aan het idee te wennen.”

Een meisje met verlatingsangst is uiteindelijk gewoon meegegaan. Ze kon ’s avonds met haar ouders bellen. Bouwman: „Ze had het de tweede nacht erg moeilijk, daarna ging het goed. De kampweek was voor haar een verrijking.”

Leerkracht Esther Rietveld van de Nieuwe Park Rozenburgschool in Rotterdam was met haar klas naar Bergeijk. Ze is enthousiast over de week. „Het is zo leuk als er twee meisjes op me af komen rennen en zeggen: ‘Juf, het is echt ge-wel-dig!’ Ik zou zo weer gaan.” Maar het klopt, zegt ze, dat ze sommige ouders vooraf moest overtuigen. Ze praat dan liefst persoonlijk met hen en probeert erachter te komen waar precies de bezorgdheid ligt. „Een moeder was bang dat het groepje waar haar kind in terecht zou komen, niet leuk was.” Daar kun je het dan even over hebben.

Kinderen die vegetarisch eten, krijgen een alternatief voor vlees. Esther Rietveld: „Je kan niet tegen een kind dat net vier weken geleden overtuigd vegetariër is geworden, zeggen dat ze het worstje moet opeten. Als islamitische kinderen vlees eten, is het uiteraard halal.”

Insectenbeten

Medische handelingen komen ouders zelf uitleggen aan de leraren. Die weten precies wie wat wel en niet mag eten, wie allergisch is voor insectenbeten en hoe een epipen werkt in het geval van een heftige allergische reactie. „Gelukkig was dat niet nodig.”

De ouders van de kinderen van basisschool De Notenkraker in Hoogvliet hoefden zich geen zorgen te maken. De kinderen uit groep 8 gingen niet op kamp, want dat is voor de meeste ouders te duur. Jammer, vindt conciërge Grace Chippendale. Tot een paar jaar terug ging zij altijd mee, vooral om te koken. Voorschriften waren er niet. „We hebben niet van die bezorgde ouders.” Waren er dingen die kinderen niet mochten eten? Ze denkt even na. „Eigenlijk niet. We eten meestal kip, zodat de islamitische kinderen het ook kunnen eten. Ik kan me eigenlijk geen allergieën herinneren. Nou, als iemand geen kip wilde, dan bakte ik een eitje. Ze hebben altijd lekker gegeten, hoor!”