Kan een land failliet gaan?

Kan Griekenland failliet gaan? Strikt gezien is het antwoord: nee. Dat komt omdat het hele begrip ‘faillissement’ wel van toepassing is op mensen, bedrijven of andere rechtspersonen, maar niet op landen. De nationale soevereiniteit staat dat in de weg.

Bij een normaal faillissement wordt een curator aangesteld. Die berekent hoeveel schulden en andere verplichtingen er zijn, en rekent uit wat er van waarde in de boedel staat. Op basis daarvan wordt het resterende geld verdeeld. Er zijn preferente crediteuren, die altijd vóór gaan: denk aan de belastingdienst, de nutsbedrijven (gas, water en licht) of crediteuren die onderpand hebben (de bank, bij een hypotheek). Daarna volgen de concurrente crediteuren: iedereen die óók nog geld tegoed heeft, van leveranciers tot andere schuldeisers. En pas helemaal aan het einde komen de verschaffers van eigen vermogen. Aandeelhouders, bijvoorbeeld.

Een land dat in financiële problemen komt heeft eveneens allerlei soorten van verplichtingen, maar de volgorde van crediteuren is schimmiger. In het geval van Griekenland beschouwt het Internationaal Monetair Fonds zichzelf als preferent crediteur. Maar wat daarna komt is een potpourri van belangen: individuele eurolanden, die Athene in 2010 steunden op bilaterale basis, de Europese instellingen zoals het Europees Financieel Stabiliteitsfonds (EFSF) en de Europese Centrale Bank. Daarnaast zijn er nog gewone crediteuren, beleggers in de weinige Griekse staatsobligaties die nog vrij verhandelbaar zijn en leveranciers aan de Griekse overheid. Anders dan bij een bedrijf kan dat niet zomaar worden uitgevochten. Maar er zijn wel instanties voor: in de zogenoemde ‘Club van Londen’ wordt onderhandeld over schulden aan private instellingen, zoals banken en beleggers. En in de ‘Club van Parijs' wordt onderhandeld over schulden aan andere landen en internationale instellingen, zoals het IMF.

En bovendien: een curator kan het bezit van een bedrijf verkopen. Maar niemand kan een deurwaarder naar Griekenland sturen om de spoorwegen, havens of bij wijze van spreken een eiland te onteigenen en van de hand te doen. In die zin kan Griekenland dus niet failliet gaan.

Een tekort aan levensmiddelen dreigt

Het is gangbaar dat, bij een land in diepe financiële problemen, het Internationaal Monetair Fonds inspringt met tijdelijke kredieten. Daaraan zijn dan voorwaarden verbonden: hervormingen die noodzakelijk zijn om er weer bovenop te komen. Griekenland is een uitzonderlijk geval. Het IMF leent al uit, dus dat station is gepasseerd.

Wat dreigt is het scenario van Argentinië kort na de eeuwwisseling: een totale ontreddering, noodgeld, dreigende maatschappelijke ontwrichting en een tekort aan geïmporteerde eerste levenbehoeften (voedsel, olie) waar geen geld meer voor is. In die zin kan Griekenland misschien technisch niet failliet, maar het zal er in de praktijk alle kenmerken van vertonen. Daarom is het niet zo vreemd dat de EU nu al een plan voor humanitaire hulp in de steigers zet.