Afrika is bang voor nieuw geweld Hutu’s en Tutsi’s

President Nkurunziza wil de macht niet opgeven. De angst is dat Hutu’s en Tutsi’s weer tegen elkaar worden opgezet.

Daags voor de verkiezingen in Burundi laat een kiezer zich registreren in een stemlokaal in Cibitoke.
Daags voor de verkiezingen in Burundi laat een kiezer zich registreren in een stemlokaal in Cibitoke. Foto Marco Longari/AFP

Het Oost-Afrikaanse Burundi (11 miljoen inwoners) is vandaag een nieuwe fase van geweld in gegaan. Afgelopen nacht en vanochtend waren er granaataanvallen en schietpartijen in de hoofdstad Bujumbura. Daarbij viel een onbekend aantal doden. Vandaag kiezen de Burundezen lokale besturen en het parlement.

De vrees is dat de onrust nog maar de opmaat is voor meer geweld in de aanloop tot de omstreden, eerder uitgestelde presidentsverkiezingen op 15 juli. Het vaste voornemen van president Pierre Nkurunziza zich in strijd met de grondwet voor een derde termijn verkiesbaar te stellen heeft tot felle protesten geleid. Volgens mensenrechtenorganisaties zijn sinds eind april zeker zeventig doden gevallen. De Verenigde Naties meldden vrijdag dat 127.000 Burundezen zich in de buurlanden als vluchteling hebben laten registeren, en dat het werkelijke aantal vluchtelingen waarschijnlijk hoger is.

Ondanks het geweld en de dreiging van chaos blijft president Nkurunziza zich vastklampen aan de macht. Dit weekeinde liet parlementsvoorzitter Pie Ntavyohanyuma vanuit Brussel weten dat hij voorlopig niet terugkeert naar Burundi omdat hij het oneens is met Nkurunziza’s plan zich herkiesbaar te stellen. Eerder al zocht tweede vicepresident Gervais Rufyikiri zijn heil in België.

Gisteren liet de Afrikaanse Unie weten geen verkiezingswaarnemers naar Burundi te zullen sturen, omdat geen „geloofwaardige stembusgang is te verwachten”. Afrika is ongerust dat het machtsconflict rond president Nkurunziza uit de hand loopt en dat mogelijk ook oude spanningen tussen Hutu’s en Tutsi’s weer oplaaien.

De gevluchte parlementsvoorzitter Ntavyohanyuma zei gisteren dat president Nkurunziza hem had „bedreigd” en „vernederd” toen hij hem had aangeraden af te zien van zijn plannen voor een derde termijn.