Verlangen, smart en liefdesliedjes zijn universeel

De romantische liefde is niet typisch westers, maar komt vrijwel overal voor. En iedereen leeft zijn eigen liefdesverhaal.

Veel mensen denken dat romantische liefde een typisch Westerse (Europees-Amerikaanse) aangelegenheid is. Maar in een vergelijking van antropologisch onderzoek in 166 verschillende culturen over de hele wereld, werd in 147 van die culturen duidelijk bewijs gevonden voor de aanwezigheid ervan. Onderzoekers troffen er liefdesliedjes aan, of verhalen over smart en verlangen of geliefden die samen weglopen; ze hoorden mensen uit de cultuur zelf over verliefdheid praten of concludeerden om andere redenen dat die cultuur romantische liefde kende (Ethnology, 1992). Dat in 19 culturen geen bewijs voor romantiek werd gevonden, louter voor lust en seksuele affaires, betekent volgens de onderzoekers die het overzicht samenstelden niet dat romantische liefde daar niet voorkomt. Ze denken dat er gewoon nog niet genoeg over die culturen bekend was.

In veel culturen worden mensen uitgehuwelijkt, maar dat betekent niet dat die huwelijken per definitie geen romantische liefde kennen. Ouders die willen dat een gearrangeerd huwelijk slaagt, luisteren vaak best naar de wensen van hun kinderen. En in Westerse landen proberen ouders de keuze van hun kinderen ook te beïnvloeden. Ouders willen trouwens in grote lijnen vaak hetzelfde als hun kinderen (Perspectives on Psychological Science, 2015).

Romantische liefde mag dan universeel zijn, het bestaat in allerlei varianten. Van de Amerikaanse psycholoog Robert Sternberg, die ook de driecomponententheorie bedacht (liefde = warmte + commitment + seks), komt het idee van de liefde als ‘verhaal’: met een begin, een midden en een eind; met plots, personages en thema’s. Iedereen heeft zijn eigen verhaal, maar sommige verhalen komen meer voor en werken beter dan andere. In zijn boek Love is a Story (1999) beschreef Sternberg 26 verschillende ‘liefdesverhalen’, elk met eigen voor- en nadelen.

Zo is Sternberg niet zo’n voorstander van de liefde als science fiction-verhaal, waarin mensen hun partner zien als een wezen van een andere planeet (hoewel zo’n relatie wel verrassend kan zijn, schrijft hij). Ook is het niet gunstig om de liefde als politieverhaal te zien, waarin je voortdurend moet opletten of je partner geen overtredingen begaat. Wel is Sternberg ervoor om de liefde als een tuin te zien, die verzorging nodig heeft, of als een reis die samen wordt gemaakt (dat laatste was in de jaren 90 vast nog niet zo’n belegen metafoor als nu). Een naai- of breiverhaal werkt meestal ook goed, schrijft hij, mits de partners het over het patroon eens zijn.