Opinie

    • Sjoerd de Jong

Daar sta je dan, met je foto – of je enorme appartement

Met je foto op de voorpagina bij een verhaal over fraude, het zal je gebeuren. Niet leuk natuurlijk, maar nog minder leuk als je je van geen kwaad bewust bent.

Oud-Forumdirecteur Sadik Harchaoui zag zijn portret op de voorpagina bij een onthullend stuk van Merijn Rengers en Andreas Kouwenhoven (Integratiesubsidies weggesluisd, 12 juni). Onder meer op basis van het politiedossier zetten zij de verdenking uiteen dat PvdA-politicus Halim el Madkouri sjoemelde met subsidies – via een bankrekening waar Harchaoui contactpersoon voor was.

Onder de kop op de voorpagina prijkten twee portretten, die van Madkouri en Harchaoui.

Harchaoui tekende via zijn advocaat protest aan: ja, hij was in deze zaak gehoord, maar als getuige, niet als verdachte. Dus waarom stond zijn fotootje daar?

Er rolde een zorgvuldig geformuleerde correctie uit, die afgelopen zaterdag in de krant stond. Mocht de suggestie zijn gewekt dat de kop ook op Harchaoui sloeg, dan was dat onjuist, en ook niet de bedoeling van de krant geweest.

Iets meer uitleg lijkt me wel nuttig. Harchaoui ontkent niet dat hij contactpersoon was voor die bankrekening, maar (stond in het stuk) ontkent verder elke betrokkenheid bij de zaak. Feit is ook dat hij in het politiedossier wordt aangesproken als „getuige”, niet als verdachte. In het artikel is wel sprake van „getuigen”, maar wordt Harchaoui niet expliciet zo aangeduid.

Een wezenlijk verschil, dat dus vermeld had mogen worden. De verslaggevers namen aan dat het zo ook wel duidelijk was dat Harchaoui maar een bijrol speelde in het verhaal. Maar ja, door die foto op de voorpagina werd de bijrol bijna toch een hoofdrol.

Waarom plaatste de krant die foto’s eigenlijk? Dat was een vormkwestie. Er moest een illustratie bij de tekst, en dat werden foto’s – cijfers stonden al binnenin, bij een uitgebreid vervolgstuk.

Dat is nogal lichtvaardig, vind ik. De krant wil terughoudend zijn met foto’s van verdachten – de impact ervan kan groot zijn – maar nu werden beiden onder de belastende kop op één lijn gesteld. Terechte correctie, dus.

En waarom de namen voluit? Over de vraag of Madkouri een initiaal moest krijgen, werd wel uitgebreid gedelibereerd die ochtend. De conclusie was dat het niet nodig was: er is nog geen vervolging ingesteld, en daarnaast, betrokkene is een publieke figuur en politicus.

Zoiets is altijd een afweging tussen privacy en algemeen belang. Is de zaak ernstig genoeg? Dat vind ik in dit geval wel. Daar komt bij: de regel om verdachten een initiaal te geven komt voort uit de wens om een verdachte (wiens schuld nog niet vaststaat) niet nog extra te schaden. Maar als de krant zelf over sterke aanwijzingen beschikt en het belang van een zaak groot genoeg is, zoals hier, hoeft er geen beletsel te zijn om namen te noemen. De eerste ‘w’ in de journalistiek is nog altijd die van ‘wie’.

Een ander geval van ongelukkig in de krant komen. André Platteel, oprichter van bureau Your Lab, kreeg bezoek van Bo van Houwelingen, die met Caroline van Keeken een dagelijkse column-met-knipoog schrijft voor de site NRC Q over onder meer „aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels”. Bo kwam op uitnodiging bij hem thuis, waar Herman Wijffels kwam spreken.

Resultaat: een badinerend stukje over een grachtengordelbewoner in een „enorm” appartement die „het gemaakt heeft”, „zijn baard liet staan” en nu de „guru” uithangt. Schoenen uit, een kast van een huis, een vleugel, en „zeker vier rondslingerende MacBooks”. Uitsmijter: „Beweren dat je eigenlijk niets nodig hebt is nogal makkelijk als je alles hebt.” (Meer geld is niet meer geluk, 18 juni.)

Vooropgesteld: dit was geen journalistiek verslag, maar een column. Auteurs hebben daarin een grote vrijheid in stijl of teneur. De Bo&Caro-column heeft een ironische toon. Your Lab wist ook wie er over de vloer kwam.

Maar Platteel, teleurgesteld en gekrenkt, sprak van „karaktermoord” en „smaad”. Volgens hem klopte er van alles niet in het stuk. Hij heeft al zijn „hele volwassen leven” een baard en hij is geen „topeconoom”, zoals de kop aanvankelijk meldde. Dat de schoenen thuis uitgaan, heeft te maken met burengerucht. De vleugel was een erfstuk. En die MacBooks waren niet van hem, maar van werknemers: hij houdt kantoor aan huis.

Tja, ook in een column moeten feiten wel kloppen. Hoe het zat met die baard en of al die MacBooks van hem waren, dat had de columnist beter bij hem moeten navragen, zeker als ze van plan was hem met die observaties neer te zetten. De redactie erkende twee fouten: de zin met de recente baard en de kop werden gecorrigeerd.

Maar ook Platteels latere uitleg over de MacBooks, de schoenen en de rest had wat mij betreft als reactie kunnen worden vermeld bij een volgende column; wie zo wordt neergezet, mag iets terugzeggen.

En helaas, NRC Handelsblad had inmiddels de ongecorrigeerde versie van de site geplukt en zette die in de krant (Meer geld betekent heus niet: meer geluk, 19 juni).

Ja, zo krijgen fouten ook een baard – dat verdient dus alsnog een correctie. Bij dezen.

    • Sjoerd de Jong