‘Alleen de VVD wil nog met ons praten’

De Tweede Kamer wordt dagelijks overspoeld door zakenmensen. Wie zijn het en wat willen zij?

Wie Jos Zuijdwijk

Is Winkelier

Leeftijd 59 jaar

Wanneer Dinsdag 23 juni

Foto David van Dam

Waarom was u in de Tweede Kamer deze week?

„Er was een debat van de commissie Volksgezondheid, Welzijn en Sport met staatssecretaris Van Rijn (PvdA) over tabakontmoedigingsbeleid.”

U rookt?

„Ja, al sinds m’n veertiende. Mijn ouders hadden een sigarenzaak in Leidschendam. Die heb ik later overgenomen. Inmiddels heb ik mijn zaak verkocht en ben ik manager van het winkelcentrum Leidsenhage. Ik zat dus bij dat debat als betrokken winkelier. En ik ben voorzitter van NSO, de brancheorganisatie voor de tabaksdetailhandel.”

De veel beschimpte tabakslobby!?

„Jawel, maar niet van de tabaksindustrie. Ik vertegenwoordig 1.150 hardwerkende ondernemers die zeven dagen in de week met hun poten in de modder staan. Onze winkels vervullen een maatschappelijke functie, zeker nu postkantoren worden opgeheven. We leveren stomerijdiensten, verkopen staatsloten en wenskaarten en ja, we verkopen ook toevallig sigaretten. De toonzetting op websites van de antirooklobby waar wij als halve criminelen worden weggezet, zegt meer over hen dan over ons.”

Krijgt u door dat imago wel gehoor in de Kamer?

„Dat is dus heel lastig ja. Dat komt vooral ook door het verbod dat de World Health Organization heeft uitgevaardigd, dat overheden niet met de industrie mogen praten over hun lobbyactiviteiten en ze beschouwen mij dus onterecht als onderdeel daarvan.”

Lastig lobbyen zo.

„Alleen Erik Ziengs van de VVD praat met ons. Hij was zelf ondernemer, dus hij snapt ons. En hij zegt terecht dat hij juist voor- en tegenstanders moet spreken om zijn werk goed te kunnen doen.”

De tabakslobby heet groot en machtig te zijn, maar de laatste jaren lijkt de gezondheidslobby te winnen.

„Dat er volgend jaar strengere Europese regels komen – verbod op mintsigaretten, hardere waarschuwingen op pakjes – is een gegeven. Dat dossier is voor ons gesloten. Dat daarnaast in Nederland de leeftijdsgrens naar 18 is gegaan vind ik volkomen terecht. De jeugd hoort niet te roken en te drinken. Wat ik in Den Haag zoek is samenwerking in uitvoering van hún beleid. Je kunt de handhaving niet alleen aan ons overlaten. En, zolang er vraag naar tabak is, wil ik dat bedrijfsvoering in onze sector mogelijk blijft. Het lijkt me volkomen legitiem dat ik me daar hard voor maak.”

Wat verlangt u concreet van Kamerleden?

„Ik blijf hen uitnodigen om bij onze winkels langs te komen. Dan kunnen ze zien welke buurtfunctie zij vervullen en hoe lastig het soms is om de leeftijdsgrens te controleren. Als we samen optrekken zijn er geen aanvullende maatregelen nodig, zoals sommigen willen.”