Leerling in voortgezet onderwijs scoort iets beter op rekentoets

De rekentoets in het voortgezet onderwijs telt volgend jaar voor het diploma mee. De discussie erover houdt aan.

Leerlingen in het voortgezet onderwijs hebben voor de rekentoets dit jaar iets hogere cijfers gehaald dan in 2014. Toen was het gemiddelde een 5,9, nu is het een 6,1.

Daarmee is niet gezegd dat ze ook beter rekenen, want dit jaar wordt gebruik gemaakt van „een nieuwe vaardigheidsschaal”, aldus het ministerie van Onderwijs, dat het overzicht vandaag publiceerde. De resultaten van het middelbaar beroepsonderwijs, waar de toets de afgelopen jaren slecht werd gemaakt, worden pas na de zomer bekend.

De rekentoets telt vanaf komend schooljaar officieel mee voor het diploma. Alle leerlingen die eindexamen doen in voorgezet onderwijs en mbo, moeten de toets maken. Wie hem niet haalt, krijgt geen diploma. In het komend jaar moeten leerlingen een 5 of hoger scoren om te toets te halen. In 2015 lukte ruim 87 procent van de leerlingen dat, bijna 64 procent heeft een 6 of hoger.

Tussen de diverse onderwijsniveaus zijn flinke verschillen: in het vwo haalt 99 procent van de leerlingen een 5 of hoger, op de lagere niveaus van het vmbo is dat 73 procent.

De rekentoets is ingevoerd na klachten uit het bedrijfsleven en van universiteiten en hogescholen over de matige rekenvaardigheden van jongeren. Het verzet vanuit het onderwijs is groot. De rekentoets zou niet deugen, te talig zijn, te moeilijk zijn, kinderen zouden massaal zakken.

Zeven grote onderwijsorganisaties, waaronder de VO-raad, de Algemene Onderwijsbond en scholierenorganisatie Laks, schreven in januari een brief aan de Tweede Kamer met het dringende advies de toets niet mee te laten tellen voor het eindexamen. Staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) legt deze kritiek, en die van enkele oppositiepartijen, naast zich neer. Hij vindt de toets een stok achter de deur, die nodig is om het rekenniveau van leerlingen te verbeteren.