Wiebes’ belastingplan: denkfout na denkfout

Het nieuwe belastingplan bevat goede ideeën maar is helaas gedreven door politiek opportunisme en economisch onbegrip, betoogt Sweder van Wijnbergen

Te oordelen naar het nieuwe belastingplan vindt het kabinet de tijd gekomen voor electoraal gedreven beleid. Ondanks alle hype is het geen stelselherziening maar een verzameling goede en slechte ideetjes, met als voornaamste drijfveren politiek opportunisme en economisch onbegrip.

Het opportunisme spreekt uit de pakkettenbenadering. In pakket 1, dat sowieso doorgaat, wat er ook met pakketten 2 en 3 gebeurt, zitten de weggevertjes, een aantal op zich te verdedigen belastingverlagingen die via een oplopend tekort gefinancierd worden, de zogenaamde „smeerolie” die bij elke stelselherziening hoort.

Maar de manier waarop het kabinet dit pakket inzet gaat voorbij aan waarom die smeerolie erbij hoort en haalt zo de functie ervan onderuit. De bedoeling van een stelselherziening is de structuur van de belastingen te verbeteren, niet het ophalen van meer of minder geld. Maar met die inkomstenneutraliteit komen er onvermijdelijk politiek belangrijke groepen verkeerd uit waar geen compensatie gegeven kan worden zonder de stelselherziening zelf te ondermijnen. Daar dient dan die „smeerolie” voor, om die groepen alsnog te compenseren en zo de weg vrij te maken voor acceptatie van het hele plan.

Maar dan moet die smeerolie wel conditioneel zijn op die acceptatie, en dat is juist wat het kabinet niet doet. De cadeautjes worden nu onconditioneel en van te voren uitgedeeld, maar dan is er dus als straks bij pakketten 2 en 3 (hervorming btw en vermogensbelasting en overheveling belastingen van rijk naar gemeente) geen smeerolie meer over.

Hiermee schuift het kabinet werkelijke hervorming op de lange baan en geeft het een electoraal gedreven macroeconomische stimulatie. En dat is nou net niet meer nodig; Keynesiaanse stimulatie op een moment dat de groei aantrekt en werkgelegenheid stijgt is verkeerd getimed. Zo gooit Dijsselbloem zijn zorgvuldig opgebouwde reputatie van nuchtere verantwoordelijke financiënminister halverwege de rit toch nog te grabbel.

Het economisch onbegrip spreekt uit de btw-plannen. Die zijn gebaseerd op een hardnekkige denkfout van de politiek, samengevat in de aantrekkelijk klinkende slogan „belasting verschuiven van arbeid naar consumptie”. Klinkt goed, we willen allemaal meer werk, en minder consumptie heeft een vaag groen aureool en past bij onze calvinistische volksaard. Maar het is desalniettemin pure onzin. We werken juist om te kunnen consumeren, en zullen meer consumeren als we meer verdienen door meer te werken. In economentermen zijn het complementaire goederen, belast de een dan raak je ook de ander. De kernvariabele is het verschil tussen wat de werknemer mee naar huis krijgt en wat hij veroorzaakt aan arbeidskosten via zijn loon, de fameuze wig die Wiebes wil verlagen.

De denkfout wordt helder zichtbaar als je kijkt naar de relevante variabele voor deze wig, het reële loon, het loon uitgedrukt in wat je ervoor kopen kan, oftewel het nominale loon gedeeld door de prijsindex van consumptiegoederen. Of je dat loon nou verlaagt door hogere loonbelasting (een lagere teller) of door een hogere btw (een hogere noemer) maakt niets uit, in beide gevallen daalt voor gegeven arbeidskosten het take home pay, dus stijgt de wig. Daaruit volgt ook dat de kerngedachte van het kabinet, de wig verlagen door belasting te verschuiven van arbeid naar consumptie door lagere loonbelasting te compenseren met een hogere btw, zal mislukken. De wig gaat omlaag door de lagere loonbelasting, en weer omhoog door de hogere btw en blijft zo netto onveranderd. De denkfout zit hem in het alleen maar kijken naar het nominale loon, terwijl het reële loon de relevante variabele is. Dat een hele belastinghervorming gebaseerd wordt op zo’n basale denkfout is een regelrechte blamage.

Ook de box 3-plannen ogen goedbedoeld maar onhandig. De fictie van inkomstenbelasting op behaald rendement wordt doorgezet, maar nu moet de Belastingdienst gemiddeld rendement gaan uitrekenen op respectievelijk spaargelden, vastgoed en aandelen. Met dat spaargeld zal het wel lukken, maar inschatten van rendement op privaat aangehouden vastgoed? En dan hebben we het maar niet over de vergaarbak ‘aandelen’, waar van alles in zal komen. Gaat een zzp’er die deels in obligaties belegt voor zijn pensioen erop achteruit als rentes stijgen en obligatiekoersen dalen, of juist erop vooruit omdat de dagwaarde van zijn pensioenverplichtingen door diezelfde hogere rente dalen? En je kan de handige jongens al zien aankomen die met slim opgetuigde derivatenconstructies een belegging in de fiscaal lage categorie laten vallen terwijl de belegger toch mee profiteert van de meevallers in de hoge categorie. Wiebes’ plannen zetten de deur wijd open voor arbitrage gedreven belastingontwijking, en dat met steun van de PvdA die de laatste tijd toch heel andere retoriek laat horen daarover. En de al zoveel geplaagde Belastingdienst krijgt er nog wat onuitvoerbare taken bij met deze box 3-plannen, juist van de staatssecretaris die de Belastingdienst wil ontlasten door vereenvoudiging van wat haar gevraagd wordt.

Natuurlijk gaat de equivalentie tussen loonbelasting en btw niet in alle details op, zo consumeren mensen die grotere erfenissen gaan nalaten dan ze gekregen hebben minder over hun leven dan ze verdienen, die groep welgestelden profiteert dus van de denkfout van Wiebes cum suis. En hoogstwaarschijnlijk, hoe rijker hoe groter het voordeel, rijkere mensen laten nu eenmaal grotere erfenissen na. Niet bepaald de groep die Wiebes’ PvdA-partners willen helpen, wel ironisch dat juist de PvdA deze groep rijken probeert te bevoordelen na al hun enthousiaste pro-Piketty retoriek in precies de andere richting. Waar economisch onbegrip niet toe kan leiden....