‘Syrië, Le Pen, Wilders: het zit er allemaal in’

Hij maakte een ballet van 24 uur, waarvoor hij 12 maanden met 27 mensen repeteerde. Jan Fabre gaat met plezier tegen alle codes en de tijdgeest in. Vrijdag 3 juli in de Stadsschouwburg.

Als overmorgen Mount Olympus, To glorify the cult of tragedy in Berlijn in première gaat, heeft theatermaker en beeldend kunstenaar Jan Fabre (56) nog geen idee wat het resultaat en de uitwerking van zijn jongste creatie zal zijn. Mount Olympus is een marathonvoorstelling van 24 uur. Hoewel Fabre er met zijn team van onder anderen 27 acteurs, zangers, dansers bijna een jaar intensief aan heeft gewerkt, is de complete uitvoering voor publiek, zegt de regisseur, voor iedereen „een sprong in het diepe. Terra incognita. Ik heb collega’s in het buitenland gebeld, maar er bestaat geen doorgeregisseerde theaterproductie van 24 uur.”

Een voorstelling van een etmaal – het is een kolfje naar de hand van de Antwerpenaar Jan Fabre (56). Vanaf het begin van zijn loopbaan denkt hij groot; zijn eerste theatrale choreografieën duurden al gemakkelijk acht uur. Nu dus drie keer zo lang.

In Mount Olympus richten Fabre en co-auteur Jeroen Olyslaegers de blik op de Griekse tragedie. Niet één, maar een groot aantal. Centraal staan de tragedies waarin families elkaar uit wraak of jaloezie, om rijkdom, lust en macht uitmoorden: de Oresteia, Medea, Oidipous, Antigone.

De familie als metafoor voor de maatschappij, die van toen en die van nu. In Mount Olympus zal de politieke dimensie, altijd minstens verhuld aanwezig in het werk van Fabre, explicieter zijn dan ooit. Na herlezing ontdekte hij hoezeer de tragedies van Aeschylus, Euripides en Sofokles raakvlakken vertonen met de huidige samenleving. Hij legt een verband tussen Medea, die haar eigen kinderen vermoordt, en de strijd in Syrië. „Medea doodde haar kinderen uit wraak om het overspel van haar man, maar ook omdat zij, afkomstig uit een matriarchale cultuur, niet wilde dat zij opgevoed zouden worden in een patriarchale maatschappij. In Syrië zie je kinderen vechten: liever strijdend sterven dan opgroeien onder het bewind van IS.

„En een personage als Pentheus: als je leest wat die zegt! Dat is een Le Pen, een Wilders! Pentheus wil de maatschappij beschermen tegen het dionysische ritueel, figuren als Wilders willen de kunstenaar aan banden leggen.”

Fabre geeft aan dat de peperdure 24-uursvoorstelling in zekere zin ook te zien is als statement tegen de toegenomen druk om snel, economisch geproduceerd entertainment te leveren. „Twaalf maanden repeteren met 27 mensen: dat gaat tegen alle codes in, een tegenovergestelde beweging. Voor mij is het primaire uitgangspunt echter het dionysische ritueel in de Griekse samenleving. Dat duurde drie dagen en drie nachten, de hele maatschappij was erbij betrokken.”

Hij hoopt dat zijn tour de force een vergelijkbare rituele ervaring wordt voor de performers en het publiek. „Met een ander tijdsgevoel, een andere staat van zijn, zowel mentaal als fysiek. Mensen gaan moe worden natuurlijk, kunnen even weggaan om te eten, te rusten. Dat beïnvloedt de waarneming, verwacht ik. Het is een onderzoek naar tijd in het theater, naar het gebied tussen waken en dromen.”

Dat laatste is een motief in het oeuvre van Fabre en in de tragedies, waar dromen vaak een voorspellende kwaliteit hebben. „Dromen en mythes zijn geschreven in dezelfde vergeten taal”, aldus Fabre.

Net als de bezoekers van Mount Olympus zullen de dansers en acteurs de gelegenheid hebben achter of op het toneel een dutje te doen. Maar het blijft een uitputtingsslag, zelfs voor door de wol geverfde Fabre-getrouwen als Els De Ceukelier, Renée Copraij en Antony Rizzi. Ook Fabre geeft toe „een beetje moe” te zijn. Maar hij ziet uit naar de voorstellingen. „Als ik iets maak, hoop ik dat het werk mij onderwijst over de buitenwereld, over mezelf. Bij dat stadium ben ik nu aangekomen.”