Schaapachtig

Op Rungis in Parijs, waar zo’n beetje alles wat eetbaar is op deze wereld wordt aangevoerd, was ik eens op eet- en drinkreportage met culinaire collega Ronald Hoeben. Nadat we de ganzenlevers, oesters en hertenreten wel zo’n beetje hadden gezien, wensten we nog wel even te gaan thrillseeken. Op naar de Rue des Abats op

Op Rungis in Parijs, waar zo’n beetje alles wat eetbaar is op deze wereld wordt aangevoerd, was ik eens op eet- en drinkreportage met culinaire collega Ronald Hoeben. Nadat we de ganzenlevers, oesters en hertenreten wel zo’n beetje hadden gezien, wensten we nog wel even te gaan thrillseeken.

Op naar de Rue des Abats op hetzelfde complex, de hal waar het binnenwerk plus overige niet al te courante onderdelen van alle diertjes worden aangeboden.

Daar liet een boomlange, en vooral ook bebloede, Ghanese slachter ons zijn domein zien: een klein zwembad waarin honderden schapenkoppen dobberden. ‘Is good’, meldde hij met zijn lippen smakkend, terwijl hij zijn mes nog even langs het aanzetstaal haalde om aanstonds nog een karkas te onthoofden.

Het tafereel schoot mij weer te binnen toen ik een pecorino in het glas kreeg. Niet omdat de wijn in kwestie zo rook. Dan wel zo smaakte. ’t Is puur en alleen omdat pecorino ‘klein schaap’ betekent. ‘Je fantasie kan niet rijk genoeg zijn’ verweet mijn moeder mij wel eens.

Enfin, pecorino. Leeft nog wel in Italië. Zij het net. Is een van de vele autochtone druiven die nog maar tien jaar geleden met uitsterven werd bedreigd. Zou zonde zijn geweest.

Blijkt namelijk in handen van een goede wijnmaker verrassend genoeg een raspaardje, een eenhoorn bovendien. Ziehier de Unico 2014 van Tenuta Ulisse uit Terre di Chieti. ( Albert Heijn; € 9,99).

Die weet foutloos een parcours af te leggen langs goede granny smith, rijpe peer, koele meloen en opgewekte limoen.