‘Bijstandsgerechtigden zijn labbekakken die gewoon asperges kunnen steken’

Dat zei VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer gisteren in de Volkskrant.

De aanleiding

Nederlanders en immigranten in de bijstand zijn „labbekakken” van wie driekwart gewoon aan het werk moet, zei VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer gisteren in de Volkskrant. „Gewoon asperges steken, in het zonnetje, met de radio aan? Wat is daar fout aan?” Premier Rutte noemde het „totaal ongepast”, minister Asscher „een middelvinger”, FNV-voorzitter Ton Heerts vond het „voorbij het fatsoenlijke” en De Boer bood excuses aan. We checken enkele uitspraken uit het geruchtmakende interview.

Waar is het op gebaseerd?

Op het universum van Hans de Boer: zoon van een Friese postkantoorhouder, selfmade ondernemer en miljonair en Curaçao-liefhebber. Het is niet de eerste keer dat hij de polder in de gordijnen jaagt. De Boer houdt wel van „een beetje prik in de cola”.

En, klopt het?

Driekwart van de bijstandsgerechtigden zijn labbekakken.

Van Dale omschrijft het woord ‘labbekak’ als lafaard, maar De Boer doelde op werkschuwe „bijstandsgenieters”. Nederland telde in maart ruim 424.000 bijstandsuitkeringen: in theorie gaat het dus om zo’n 306.000 labbekakken. Veel gericht onderzoek is er niet en de cijfers verschillen. Ongeveer de helft van de mensen in de bijstand ervaart „drang en dwang” om te solliciteren, rapporteerde de inspectie Werk en Inkomen eind 2011. Maar onderzoekers Hoff en Van Echtelt concludeerden in 2008 weer dat 90 procent van de werklozen een betaalde baan wil, wat in 2010 werd bevestigd door het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP). Er is ook een groep ‘ontmoedigden’. „Er zijn mensen die eindeloos solliciteren en niet verder komen”, vertelt een woordvoerder van Divosa, de vereniging van managers van sociale diensten. „Die hebben zoveel blauwe plekken dat ze gaan duiken. Die worden dan als onwillig bestempeld.”

Een 23-jarige lerares op een vmbo-school in Rotterdam-Zuid verdient 1.700 euro netto: 600 euro mínder dan een even oude vrouw met 1 of 2 kinderen die voor haar bijstandsuitkering een middagje per week moet werken op dezelfde school.

Het inkomen van de lerares van 1.700 euro klopt. Een docente zonder vlieguren verdient in de laagste cao-schaal 1824 euro netto voor een volle werkweek. „Maar bijna niemand werkt fulltime”, zegt een woordvoerder van de Algemene Onderwijsbond. „Het is geen vetpot.” Het inkomen van de moeder in de bijstand van 2.300 euro is een raadsel. Een alleenstaande ouder krijgt volgens de gemeente Rotterdam ongeveer 70 procent van het minimumloon: 961 euro. Met kindgebonden budget voor twee kinderen zou daar 152 euro per maand bijkomen: in totaal 1.113 euro. Met een tegenprestatie voor de uitkering, zoals een middagje op een school werken, verdient een bijstandgerechtigde niets. In het verhaal van De Boer zit dus een gat van 1.187 euro.

Van alle Somaliërs die tien jaar of langer in Nederland verblijven, zit de helft in de bijstand en heeft maar zo’n 20 procent werk.

Er zijn ruim 37.000 Somaliërs in Nederland. Volgens het Jaarrapport Integratie (2014) van het Centraal Bureau voor de Statistiek zat ruim 40 procent van de Somaliërs die langer dan 9 jaar in Nederland was in de bijstand. Dat is niet de helft, zoals De Boer zei, maar nog altijd veel. Van diezelfde groep heeft bijna 40 procent werk als werknemer of als zelfstandige: dat is twee keer zoveel als De Boer beweerde.

Premier Rutte belt Hans de Boer elke zaterdagochtend terwijl hij boodschappen aan het doen is.

„Die mededeling klopt niet”, volgens een woordvoerder van de premier.

Conclusie

De bewering dat driekwart van de bijstandsgerechtigden bestaat uit labbekakken is niet helemaal te checken, maar staat ver af van de beschikbare gegevens. De Boers uitlatingen over de hoogte van de bijstand, de Somaliërs en het belgedrag van premier Rutte kloppen niet. Wij beoordelen daarom alle vier de uitspraken van De Boer als onwaar.