Musici noemen hem ‘Penetrenko’

De nieuwe chef van de Berliner Philharmoniker is hyperperfectionistisch, muzikaal excellent en mediaschuw

Kirill Petrenko, de onbekendste topdirigent ter wereld, aan het werk bij de Bayerische Staatsoper in München, 2013. Foto Wilfried Hoesl/REUTERS
Kirill Petrenko, de onbekendste topdirigent ter wereld, aan het werk bij de Bayerische Staatsoper in München, 2013. Foto Wilfried Hoesl/REUTERS

Lang en bont waren ze, de discussies over wie in 2018 de zevende chef-dirigent moest worden van de Berliner Philharmoniker. De twee favoriete kandidaten, Christian Thielemann en Andris Nelsons, werden het niet. Thielemann niet door zijn (rechtse) politieke overtuigingen en ruwbolsterige sociale profiel. Nelsons – vader van een jong gezin– had zich net gesetteld in Boston.

En zo ging de hoofdprijs zondag opeens naar een outsider, wiens naam op geen enkel favorietenlijstje erg hoog scoorde: de Russisch-joodse Kirill Petrenko (43), de onbekendste topdirigent ter wereld.

Kirill Petrenko geldt als een dark horse: het „spook van de opera“ wordt hij ook wel genoemd. Zijn repertoire was tot nu toe vooral gericht op opera, al zei hij er altijd bij dat een balans tussen opera en symfonische muziek het streven was. Nog een tegenargument: hij leidde de Berliner Philharmoniker pas in drie programma’s. En toch kozen de Berlijnse musici met grote meerderheid hém als nieuwe chef-dirigent. „We hebben genoeg gehoord om het volste vertrouwen te hebben in zijn breedte”, aldus een orkestwoordvoerder. „Petrenko is een dirigent die met zijn charisma een concertzaal kan veranderen.”

Petrenko zelf was – typerend – bij de persconferentie afwezig. Volgende week moet hij in Bayreuth repeteren voor Wagners Der Ring des Nibelungen en interviews – „zinloos en tijdrovend” – geeft hij sowieso al jaren niet meer –zo min als hij cd’s maakt. Petrenko is schuw, hyperperfectionistisch. In een schaars openbaar gesprek (te zien op YouTube) giechelt hij ongemakkelijk, mijdt oogcontact en vertelt dat hij zich tijdens de repetities met de Berliner Philharmoniker „verlegen” voelde. Pas als hij woorden moet vinden voor de grootheid van muziek ontdooit hij. Zie je hem datzelfde orkest vervolgens vol precisie en met een enorme charismatische overgave voorgaan in Skrjabins Poeme d’extase, geloof je haast niet dat je dezelfde man aan het werk ziet. Petrenko bloeit op de bok, niet ernaast.

Zijn compromisloze muziekprofiel maakt Petrenko tot een fascinerende keuze, die verraadt dat bij de Berliner de musici zelf de touwtjes in handen hebben (zo is het orkest bestuurlijk ingericht).

De meeste orkesten zoeken chefs die de kloof naar nieuw publiek kunnen dichten, bereid zijn zich te bemoeien met educatie en participatie. Petrenko zou bij die orkesten nooit de shortlist hebben gehaald. Ook bij het Concertgebouworkest, waar zijn naam wel even rondzoemde door zijn uitslaand succesvolle debuut in 2013, viel hij af vanwege eerder genoemde redenen.

Maar de Berliner hadden vóór Petrenko Sir Simon Rattle als chef: de man die kinderen uit Berlijnse krachtwijken liet dansen op Stravinsky, zich inzette voor een digitale concertzaal en, kortom, zelf het moderne chefsideaal bepaalde. Na hem is de kluizenaar Petrenko dan weliswaar een omstreden keuze („wie trouwt er nou na drie dates?”), maar misschien ook wel een hele slimme. In een klimaat waar alle orkesten hun corebusiness aanlengen, presenteren de Berliner zich met Petrenko als het orkest waar het nog puur om de muziek draait: de onversneden supertop.

Wat weten we concreet van Kirill Petrenko? Dat hij uit een muziekfamilie komt. Zijn vader was violist, zijn moeder musicoloog. Petrenko zelf groeide op met muziek en maakte als 11-jarige zijn concertpodiumdebuut, als pianist. Toen hij 18 was, verhuisde het gezin naar Oostenrijk, waar zijn vader een baan als concertmeester vond in Voralberg. Petrenko, die nog geen Duits sprak, studeerde piano aan het plaatselijke conservatorium, zette (forenzend per nachttrein) zijn studie voort in Wenen en legde zich meer op het dirigeren toe. Via chefschappen bij de Weense Volksoper en de theaters van Zuid-Thüringen en Meiningen klom hij op naar de Komische Oper Berlin (2002 to 2007). Na zes ‘vrije’ jaren volgde in 2013 het Generalmusikdirektorat van de zeer vooraanstaande Bayerische Staatsoper in München.

Daar is tot nu toe alles wat Petrenko aanraakt – van Puccini tot eigentijdse muziek – succesvol. Volgens een orkestmusicus wordt naar elke repetitie onder Petrenko „vurig verlangd”. De musici van het Festspielorchester in Bayreuth, dat Petrenko deze zomer opnieuw in Wagners vierluik Der Ring des Nibelungen dirigeert, noemen hem ook wel ‘Penetrenko’: om zijn borende fanatisme. Vrije dagen worden doorgebracht tussen Wagners handschriften. Vrije avonden ingevuld met het beluisteren van repetitieopnamen, op zoek naar dat laatste zwakke schakeltje dat eerder wellicht aan zijn aandacht ontsnapte.