Is de royaltypers scherp genoeg?

Twee vertrekkende verslaggevers vertellen over hun ervaringen met het koningshuis. 

Op 25 januari 2013 dromden royaltyjournalisten samen in een van de hotels van Singapore voor het gebruikelijke persgesprek na een staatsbezoek met – toen nog – koningin Beatrix. Na de gebruikelijke vragen over het verloop van het bezoek, stelden diverse journalisten haar aanstaande verjaardag aan de orde. „Beatrix vertelde enthousiast dat ze het mooi vond om het feest weer met mensen in het land te gaan vieren”, vertelt NOS-verslaggever Menno Reemeijer die erbij was. „Terwijl ze wist dat ze vier dagen later haar abdicatie zou aankondigen. We zijn op die dag bewust misleid.”

Het was voor Reemeijer een van de memorabele momenten tijdens zijn 5,5 jaar als royaltyverslaggever voor Radio 1, die hij dezer dagen afsluit. Hetzelfde geldt voor Antoin Peeters, die drie jaar koninklijke verslaggeving voor RTL Nieuws beëindigt. „Beatrix heeft ons toen volledig in maling genomen”, zegt Peeters in een kamer op de RTL-redactie. „Maar ze loog niet. Ze verzweeg hooguit iets. Niemand vroeg namelijk of ze er het komend jaar mee zou stoppen.”

Is de royaltyjournalistiek wel scherp genoeg? Weten verslaggevers wat zich in en rond het paleis afspeelt? De twee vertrekkende journalisten analyseren de rol van de royaltypers – en hun verhouding met het koningshuis.

Natuurlijk: RTL kan bogen op een reeks primeurs over uit de hand lopende kosten van paleizen, vliegtuigreizen, een Griekse vakantievilla en zeilschip de Groene Draeck. De NOS bracht nieuws over Beatrix die het onderhoud aan Paleis Huis ten Bosch liet versloffen. Maar keiharde scoops uit het Paleis?

Niemand zag Hofmans-affaire

Anders gezegd: is een Greet Hofmans-achtige affaire anno 2015 nog steeds mogelijk? De invloed van de gebedsgenezeres stortte de familie in de jaren vijftig in een diepe crisis, die langs de vaderlandse pers heen ging. Dat kan nu weer gebeuren, zegt Reemeijer. „We weten niet wat zich tussen de paleismuren afspeelt. We komen daar niet binnen. En zelfs als we op zoiets zouden stuiten, is er niemand om dat bevestigd te krijgen. Anderzijds is de professionaliteit bij het Hof sinds de jaren vijftig zo sterk toegenomen, dat zulke ingrijpende crises als destijds zich niet meer zo snel zullen voordoen.”

„Natuurlijk gebeuren er allerlei dingen in de familie. Het is puur toeval als we daar achter komen”, zegt Peeters. „De RVD, de hofhouding, ze zijn allemaal zeer loyaal. Het is allemaal goed dichtgetimmerd. Een WOB-verzoekje levert nog wel eens wat op, maar veel verder kom je niet.”

Hier geen schandalen zoals aan het Spaanse of Belgische Hof, waar leden van de familie ruziënd over straat gaan of gingen. Geen openheid over financiën, zoals in het Verenigd Koninkrijk. Beiden zien dat niet als journalistiek falen, maar als een gebrek aan transparantie bij de overheid. Reemeijer: „De Rekenkamer kon ons niet vertellen wat er valt onder de vier miljoen euro onkostenvergoeding voor de koning. Ik was daar zeer verbaasd over. Bij ons hoeft bij wijze van spreken alleen de premier de bonnetjes van het Koninklijk Huis te zien. Heel intransparant.”

Daar komt bij dat de RVD op afstand van het Hof functioneert. Daardoor weet de RVD zelf ook niet wat zich op het Paleis afspeelt. Waar Buckingham Palace een eigen perschef heeft die journalisten snel en geïnformeerd op achtergrondbasis kan bijpraten, moeten RVDers eerst het Hof bellen met de vraag wat er aan de hand is, vertelt Peeters. „Mijn grootste openbaring van de afgelopen jaren was dat RVDers in het veld nul contact hebben met de leden van het Koninklijk Huis.”

Gevolg van de afstand is dat de RVD niet razendsnel geruchten op sociale media over het koningshuis kan ontzenuwen. Peeters: „Zo bracht op een zondagochtend National Geographic het bericht dat prins Friso overleden was. De RVD moet dan gewoon netjes het Paleis bellen met de vraag of dat klopt. Daardoor duurde het uren voordat er een ontkenning kwam. Veel te laat natuurlijk, gezien de huidige snelheid van het nieuws.”

Populariteit is een risico

De media worden soms ook door de kritische houding van het publiek in het defensief gedwongen. De populariteit van het Oranje-huis is immers groot. Dat heeft voor verslaggevers als voordeel dat Oranje-berichten immer hoog scoren op de hitlijsten van internet. Maar het levert ook een risico op. Reemeijer en Peeters ervoeren dat aan den lijven tijdens het tragisch ziekbed van prins Friso.

Dagenlang postten beiden en talloze andere collega’s in die februaridagen bij de hoofdingang van de universiteitskliniek van het Landeskrankenhaus in Innsbruck, op zoek naar de kleinste snipper nieuws. Dit tot groot onbegrip van in elk geval een deel van het televisiekijkend en radioluisterend publiek. Boze telefoontjes en e-mails over bemoeizuchtige paparazzi loeiden de redacties van NOS en RTL binnen.

„Heel begrijpelijk” zegt Peeters van RTL. „Zelf stond ik daar ook met een brok in mijn keel. Dat mag je best weten.” Door de boze reacties, maar ook door de bedrukte sfeer, liet hij het als aanwezige verslaggever uit zijn hoofd om een vraag naar de voorbijtrekkende familie te roepen, vertelt hij. „Tegelijkertijd behoorden deze uitzendingen tot de best bekeken van het jaar.”

Hoe ga je daar als verslaggever mee om? Als vertegenwoordiger van de nationale omroep had Reemeijer weinig keus, zegt hij. Hij moest acte de presence geven bij deze tragedie van nationaal formaat. Tegelijk voelde hij zich heen en weer geslingerd tussen voyeurisme en constitutioneel belang. „Ik voelde me geregeld heel ongemakkelijk” , vertelt hij. „Anderzijds bedacht ik me: het gaat hier wel om een zoon van het het staatshoofd. Je weet op zo’n moment niet welke uitwerking deze gebeurtenissen op de koningin hebben.”

En er was nog iets. „Mag ik nog een kanttekening plaatsen”, zegt Peeters. „De RVD had die hele week in Innsbruck volledig geregisseerd. Voordat de familie aankwam werd er een lintje gespannen waarachter we konden plaatsnemen. Ook kregen we van te voren een belletje wie er precies in het busje zaten. Ik vatte dat op als signaal van de familie naar het volk: Nederland mag delen in ons verdriet. Natuurlijk voelde dat ongemakkelijk, maar dat is hoe het gaat. Een volgende keer zouden we het weer zo doen.”