In Nederland verkneukelen we ons liever over de amateurs

Elke week analyseert een expert een televisieprogramma binnen zijn of haar vakgebied. Deze keer kijkt barbecuekok Brian Nicholas naar RTL-programma Grillmasters.

Eigenlijk houdt de Amerikaanse barbecuekok Brian Nicholas niet van kookwedstrijden, zoals Grillmasters. „Het stoort me dat ze dit mensen aandoen. Koks zouden niet moeten strijden in de keuken. Voor mij is koken, eten en drinken een sociale gebeurtenis, juist bedoeld om samen te delen.”

Op het vintage gescheurde kunstleer van een zitje in het Amsterdamse restaurant Graceland Bar-B-Q kijken we op RTL4 naar Grillmasters: Wie Is De Beste BBQ’er Van Nederland? We eten er boterzachte spareribs bij, North Carolina style, en zelfgemaakte augurken met een Joods-New Yorkse dillesmaak.

Nicholas komt uit New York, Upper West Side, maar hij bracht zijn weekends door in North Carolina bij de familie van zijn moeder. Daarvan kent hij de sfeer van de Southern barbecue, die hij tot leven tracht te wekken in zijn eigen restaurant „In New York is Southern bbq nu erg populair. Ik dacht: in Amsterdam gebeurt alles drie jaar later, dus dan moet ik daar nu een barbecuerestaurant openen.”

Heel Holland Bakt voor macho’s

We zien op tv een weelderige uitstalling op een pittoresk landgoed; Grillmasters is een machoversie van Heel Holland Bakt. Martijn Krabbé presenteert, chefkok Herman den Blijker en Jord Althuizen, wereldkampioen barbecuen, mogen als strenge jury de deelnemers afserveren. Barbecue zoals Nicholas dat doet, verschilt hemelsbreed van wat we op tv zien: „Wat wij doen lijkt meer op paling roken. De hitte van het houtvuur – ik stook op appel- en perenhout uit West-Friesland – wordt indirect langs het vlees geleid, zodat het knapperig van buiten en mals van binnen wordt. Een stuk vlees maken duurt bij ons zo’n zeven tot zestien uur. Bij Nederlandse barbecue – eigenlijk grill – gaat het om zo snel mogelijk een stuk vlees dichtschroeien.”

De sponsors komen ruimschoots in beeld. Op het landgoed staat een zwarte Ford F6 truck uit 1950 ingericht als barbecuekeuken: „Dat zijn de jongens van Smokey Goodness. Maar dat is voor de mooie achtergrond, zij zijn verder niet bij de wedstrijd betrokken.” Jurylid Althuizen is eigenaar van Smokey Goodness. De crew en deelnemers nemen ook steeds een slok Jupiler bier: „Het mooie van Nederlandse televisie is dat je de mensen altijd ziet drinken. Dat hebben wij niet in de VS.”

De Amerikaanse Amsterdammer vindt het programma sowieso typisch Nederlands: „Kijk, ze hebben geen professionele barbecues, maar gewone tuinbarbecues. In alles benadrukt RTL dat het om amateurs gaat. De Nederlandse kijker raakt opgewonden van middelmatigheid.”

Worstendraaien is echt een kunst

De kandidaten moeten worsten maken: „Dit is het boeiendste gedeelte; worstendraaien is een echte kunstvorm. Moeilijk om het goed te doen.” De kandidaten bakken er niets van. Je ziet ze worstelen, begeleid door een onnozel muziekje.

Bij de beoordeling door de jury blijkt dat de kandidaten met de beste worst bij de bereiding nauwelijks in beeld zijn geweest: „Aan hen besteden ze geen aandacht, omdat je ze niet ziet ploeteren.” Volgens Nicholas richt de camera zich daarom vooral op de verliezers: „Wij hebben ook veel van dit soort kookwedstrijden – The Iron Cook uit Japan is het origineel – maar amateurisme is echt een Europees thema.”

Amerikanen zouden volgens hem de allerbeste barbecuemeesters kiezen en die laten strijden. „In Amerikaanse shows gaat het om agressieve competitie, het opbouwen van de spanning – Can you do it ?! Can you do it?! In Nederlandse programma’s word je zo lullig mogelijk neergezet. Het draait om de sarcastische humor. Schadenfreude. De Nederlandse televisie wil dat je overkomt als een sukkel.”