Hij signaleert die droogte op tijd

Sinds deze week draait Sentinel-2a rond de aarde. Hij maakt elke drie dagen foto’s die klimaatverandering moeten helpen bestrijden.

De Sentinel-satelieten maken deel uit van een netwerk van de ESA waar ook GPM Core Observatory, te zien op de foto, deel van is. Foto NASA
De Sentinel-satelieten maken deel uit van een netwerk van de ESA waar ook GPM Core Observatory, te zien op de foto, deel van is. Foto NASA

Verdwijnen ergens in het hart van het Amazonegebied op grote schaal bomen? Bloeit de blauwalg in een uithoek van het Veluwemeer? Breidt de malariamug zijn leefgebied uit? Dreigt in het zuidoosten van Frankrijk de druivenoogst te mislukken door droogte? Groeit een Chinese megastad uit zijn voegen?

Vanaf een hoogte van 786 kilometer probeert de Europese satelliet Sentinel-2a, die sinds gisteren in een baan om de aarde draait, dit soort vragen te beantwoorden door allerlei gegevens te combineren. Iedere drie tot vijf dagen brengt de Sentinel-2a bijna elke vierkante kilometer van het aardoppervlak in beeld. Zo wordt de toestand van de planeet zorgvuldig in de gaten gehouden. En dat kan helpen om problemen te voorkomen.

De Sentinel-2a gaat, samen met tweelingbroer Sentinel-2b die in het najaar van 2016 wordt gelanceerd, deel uitmaken van een netwerk van observatiesatellieten van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA, minimaal veertien maar mogelijk twintig. Ze worden gebruikt voor Copernicus, een ambitieus milieuprogramma van het Europese milieuagentschap EEA waarvoor tot 2020 ongeveer 8 miljard euro beschikbaar is.

Copernicus, in 2010 onder die naam begonnen maar al sinds 1998 actief, maakte tot nu toe vooral gebruik van satellietgegevens van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA en van onder meer grondmetingen. Sinds vorig jaar is daar de informatie van het eerste paar Sentinel-satellieten bijgekomen, maar dat zijn slechts radarbeelden.

De nieuwe satelliet is uitgerust met krachtige optische camera’s, die het volledige kleurenspectrum in beeld brengen en ook infraroodopnames kunnen maken. Europa krijgt volgens ESA-directeur Jean-Jacques Dordain daarmee de beschikking over „de uitgebreidste verzameling gegevens over milieu en veiligheid ter wereld”.

De gegevens moeten helpen om klimaatverandering te bestrijden en om snel en adequaat te kunnen reageren op een natuurramp, zoals de bodemgesteldheid na een aardbeving of de beste plek voor het inrichten van een vluchtelingenkamp.

Volgens de leider van het aardobservatieprogramma van de ESA, Volker Liebig, zal Copernicus vooral een rol spelen bij de voedselvoorziening. En dat wordt steeds belangrijker nu de wereldbevolking rond 2020 de 8 miljard mensen passeert terwijl door klimaatverandering en verstedelijking water en landbouwgrond schaarser worden.

Zo zie je of het water zuurstofrijk genoeg is in een kweekvijver

De satelliet maakt om de paar dagen een beeld van hetzelfde gebied. De informatie wordt direct verwerkt en komt snel beschikbaar. „De camera’s werken met dertien spectrale banden, waaronder vier in de zogenaamde ‘rode rand’ waar planten en chlorofyl bijvoorbeeld licht reflecteren”, zei Liebig na de lancering van de Sentinel-2. „Dat laat ons precies zien wat er met planten gebeurt.”

Copernicus moet helpen de voedselvoorziening duurzamer te maken. Dat kan door informatie met elkaar te combineren. Neem kweekvis, die wordt steeds belangrijker om overbevissing te bestrijden. Alleen al in de EU gaat in de aquacultuur jaarlijks meer dan 3 miljard euro om. Maar aan de viskwekerijen in open water zijn grote risico’s verbonden. De satellieten van Copernicus kunnen ‘zien’ of het water zuurstofrijk genoeg is, of er een kwallenplaag aankomt en of, omgekeerd, de viskwekerij het kustwater niet te erg vervuilt of ziektes verspreidt.