Een wereld te winnen voor Oranje

Na 2-1 nederlaag tegen Japan in achtste finale is het einde oefening voor berustend Nederland.

Aanvalster Lieke Martens wordt getackeld door de Japanse speelsters Nahomi Kawasumi (nummer 9) en Saori Ariyoshi - de maker van de 1-0 in de tiende minuut.
Aanvalster Lieke Martens wordt getackeld door de Japanse speelsters Nahomi Kawasumi (nummer 9) en Saori Ariyoshi - de maker van de 1-0 in de tiende minuut. Foto ANP

Het was drie dagen voor de eerste wedstrijd op het WK toen vrouwenbondscoach Roger Reijners het woord nam in een Italiaans restaurant in Edmonton. Als Limburger hield hij van lekker eten, zei hij, wijzend naar het buffet. Daarna ging het over het WK. Dat het een uitdaging was om te wedijveren met toplanden, een mogelijkheid om handelingssnelheid te trainen en dat het al mooi was dat Nederland hier mocht zijn. Ten slotte hief hij het glas.

Die dag was het al alsof hij bij voorbaat al genoegen nam met een voortijdige aftocht op het WK.

Drie weken later, in het BC Stadion in Vancouver, was het alsof hij er nog steeds zo over dacht. Want waarom bracht hij vannacht geen extra aanvallers in het veld toen de uiteindelijke uitschakeling door Japan nabij was? Keuze zat op de reservebank, maar ook bij een 2-0 achterstand hield Reijners vast aan zijn formatie.

Pas in de 86e minuut was er een sprankje opportunisme zichtbaar in deze achtste finale. Toen bracht hij middenvelder Tessel Middag voor linksback Merel van Dongen. Een trage middenvelder voor een moegestreden verdediger: niet bepaald een dappere laatste zet.

Helpen deed het niet. Nederland kwam nog terug tot 2-1, via invaller Kirsten van de Ven, maar dat was in de tweede minuut van de blessuretijd. Voordat de keepster enorm in de fout ging bij haar kopbal, was de wedstrijd al gespeeld. Japan ging door naar de kwartfinale, Nederland naar huis, na een duel waarin het verschil tussen wereldtop en marge onoverbrugbaar bleek.

Dat was ook precies wat binnen het Nederlands team zichtbaar was op dit WK. Het ene deel van de internationals kan zich meten met de top, het andere komt daarvoor nog te kort. Te groot is nog het verschil tussen speelsters met een contract in het buitenland en de semiprofs die in de Nederlandse eredivisie voetballen en daar nog bij moeten werken.

Wreeftrap

Zie Sherida Spitse en Anouk Dekker. Spitse, de eerste Nederlandse vrouwelijke voetbalster die aan een buitenlandse club werd verkocht, bepaalt waar de bal naartoe gaat op het veld. Behept met een puike wreeftrap verlegt de speelster van LSK Kvinner in Noorwegen het spel van zijlijn naar zijlijn. Ze is een essentieel scharnierpunt binnen dit Oranje. Dekker daarentegen speelt bij FC Twente. Wat daar goed genoeg is om uit te blinken, is dat niet op dit WK. Ze is de langste speelster bij Oranje, maar blijft tegen de kleine Japanners nauwelijks overeind.

Mede door de grote kwaliteitsverschillen tussen de speelsters onderling is dit Nederland nog niet stabiel genoeg om door te dringen tot eindrondes van grote toernooien. Bijna elke wedstrijd wordt er combinatiespel gespeeld naar het model van de Hollandse school, maar tegelijk is het ook elke wedstrijd wachten op dezelfde soort fouten.

Vannacht tegen Japan was het opnieuw raak. Nederland begon prima aan het duel. Had meer balbezit, maakte ‘driehoekjes’ en kwam zelfs in de buurt van het vijandelijk doel. Maar één aanval van Japan en het was raak in de tiende minuut. In het eigen strafschopgebied had linksback Merel van Dongen de mogelijkheid om de bal de tribune in te schieten, maar nu raakte ze het leer maar half. Daardoor schonk ze Saori Ariyoshi de kans om de 1-0 te maken. Totaal niet opzettelijk, maar wel met een lichte vorm van onnozelheid die soms zo kenmerkend is voor Oranje.

Na dat doelpunt kwam het elftal van Reijners te spelen tegen een ploeg die leunde op het eigen calculerend vermogen en pure efficiëntie. Japan was niet eens veel gevaarlijker dan Nederland, maar wekte niet de indruk dat het alleen ten koste van bloed, zweet en tranen de kwartfinale kon bereiken.

De genadeklap volgde een kwartier voor tijd. De ene Japanse speelster stapte bewust over de bal heen, de ander krulde hem fraai binnen achter Loes Geurts. De maakster van de 2-0 stond zo vrij dat het bijna beschamend was.

Wat opviel aan de wedstrijd en dit WK was dat Nederlands vooraf zo geroemde voorhoede, met Vivianne Miedema, Manon Melis en Lieke Martens, ook dit duel weinig tot niks klaarspeelde. Allen spelen ze bij een topclub in het buitenland, maar in Canada was dat er niet aan af te zien.

Alleen Martens toonde bij vlagen haar technische vaardigheden. In de eerste wedstrijd tegen Nieuw-Zeeland maakte ze de winnende treffer, op een wijze zoals een ‘vent hem had kunnen maken’, zo beoordeelde oud-international Willem van Hanegem.

Van deze drie zou Miedema wel eens het meest teleurgesteld kunnen zijn. Ze werd vooraf genoemd als mogelijke ster van het WK, maar speelde een anonieme rol. Scoren deed ze niet. Zeker, ze werd goed gedekt door goed ingevoerde tegenstanders, maar een wonderkind? De speelster van Bayern München liep voor dit toernooi bijna één op één, met 19 doelpunten in 23 interlands, maar in Canada was ze niet dichtbij een doelpunt.

Trots

Almaar bleef bondscoach Reijners dit toernooi hopen op een bevlieging van zijn veelgeprezen aanvallers, maar dat was vergeefs. Waarom bracht hij vannacht niet Jill Roord of Vanity Lewerissa in de ploeg? Zij speelden samen zeven interlands, maar hadden op zijn minst een kans verdiend. Kennelijk zag de bondscoach nooit het nut van het offeren van zijn steraanvallers, maar juist dat zou hem sieren. Daadkracht, in plaats van afwachten en vervolgens zeggen dat er meer in had gezeten.

Toch sprak hij na afloop zijn trots uit. Gelet op het feit dat Oranje zich op zijn eerste WK direct voor de tweede ronde plaatste, is dat begrijpelijk. Maar dat is puur feitelijk. Dit kon overigens alleen door gewijzigde reglementen, als één van de beste nummers drie van de groep.

Misschien had Reijners het drie weken geleden toch goed gezien in het restaurant in Edmonton. En was dit WK een grote oefening waar Oranje pas op volgende toernooien wat aan heeft. Misschien dat dan het gat tussen marge en wereldtop is gedicht.