Israël en Hamas schonden beide oorlogsrecht, zeggen nu ook VN

Een rapport van de VN biedt het Strafhof munitie bij zijn onderzoek naar misdaden in de Gaza-oorlog van 2014.

Zowel Israël als gewapende Palestijnse groeperingen hebben zich tijdens de Gaza-oorlog van vorig jaar schuldig gemaakt aan schendingen van het internationaal recht, die gelijk kunnen staan aan oorlogsmisdaden. Dat concluderen de Verenigde Naties in een gisteren gepubliceerd rapport over de oorlog, waarin ruim 2.200 mensen om het leven kwamen.

Het rapport kan de basis vormen voor het vooronderzoek van het Internationaal Strafhof in Den Haag naar oorlogsmisdaden tijdens de oorlog in de Gazastrook. De Palestijnen presenteren naar verwachting donderdag hun eigen dossier over Israëlische misdaden voor het Strafhof.

De Verenigde Naties verwijten Israël onder meer dat het de luchtaanvallen op Gaza heeft doorgezet toen bleek dat Palestijnse burgers daar zwaar onder leden. De onderzoekscommissie vraagt zich af of dit bewust beleid was van de Israëlische regering. Ook wordt Israël aangewreven dat het zeer dodelijke wapens heeft ingezet in dichtbevolkt gebied, waarbij strijders en burgers willekeurig werden gedood.

De VN komen deels tot dezelfde conclusies als de Israëlische organisatie Breaking the Silence, die in een vorige maand gepubliceerd rapport schreef dat Israël zich in een aantal gevallen niet aan zijn eigen ethische code heeft gehouden. Beide rapporten noemen bijvoorbeeld de praktijk van het waarschuwen van een woonwijk voor een aanval, waarna alle resterende inwoners van een gebied als strijders worden beschouwd. De VN stellen dat deze praktijk „aanvallen op burgers zeer waarschijnlijk” maakt.

Ook Hamas en andere Palestijnse groepen krijgen kritiek. Zo stelt de commissie dat het willekeurig afvuren van duizenden raketten en mortieren op Israël als doel had om terreur te verspreiden onder Israëlische burgers. Ook stelt het rapport dat Israëlische burgers „getraumatiseerd” raakten door de veertien tunnels die de Palestijnen hadden gegraven onder de grens tussen Gaza en Israël.

Het VN-rapport kwam moeizaam tot stand, vooral doordat Israël geen toestemming gaf om onderzoek te doen in Israël en de bezette Palestijnse gebieden. De commissie heeft dit opgelost door getuigen telefonisch of via internet te spreken.

Op voorhand was Israël bezorgd over de neutraliteit van de commissie. Zo slaagde het land erin de eerste voorzitter van de commissie te wraken, omdat hij in het verleden een opdracht voor de PLO had uitgevoerd. De VN-commissie doet een aantal aanbevelingen, waaronder het advies aan landen om actief het onderzoek te steunen van het Strafhof met betrekking tot de Palestijnse gebieden. Israël is geen lid van het Strafhof, de Palestijnen zijn onlangs toegetreden.