Sterk Hofvijferconcert op mager Festival Classique

Het Haagse Festival Classique zal dit jaar goede bezoekcijfers kunnen overleggen. Het Hofvijverconcert, bouwsteen van het festival, werd drukker bezocht dan ooit. Omdat gebruikgemaakt werd van de tribunes van het WK beachvolleybal, was er plaats voor 2.700 mensen.

Toch had deze negende editie iets triestigs. Van het festival dat klassieke muziek voor een groot publiek toegankelijk wil maken is zo weinig over dat je je af kunt vragen of het woord festival nog op zijn plaats is. Ter vergelijking: in 2007 waren er 150 concerten op 20 locaties. Twee jaar geleden duurde het tien dagen, nu vier, met daarin bovendien weinig substantieels: muziektheater door amateurs, baby-, peuter- en kleuterconcerten. Het Hofvijverconcert werd twee keer gespeeld. De AVRO, die vanaf het begin uitgebreid verslag deed van het festival, zette nu alleen bij het Hofvijverconcert camera’s neer.

Dat concert beleefde wel een van zijn betere edities. Het programma, met John Adams’ ritmische Lollapalooza (lekker vette trombones), was solide en effectief. In Tsjaikovski’s Romeo en Julia produceerde het Residentie Orkest onder Joshua Weilerstein (1987) een warme strijkersklank die deed vergeten dat het behoorlijk fris was. Presentator Frits Sissing hield zijn praatjes gelukkig kort. De choreografie van Club Guy & Roni, met Bollywood- en breakdance-invloeden, was passioneel en respectvol tegenover het orkest door tijdens de mooiste momenten de muziek haar werk te laten doen.