Raciale gelijkheid is nog steeds een droom in Amerika

Over twee weken, op 4 juli, vieren de Amerikanen zoals ieder jaar hun nationale feestdag. Op die dag in 1776 namen de afgevaardigden van de dertien Britse koloniën in het zogeheten Continentale Congres de Onafhankelijkheidsverklaring aan. Een nieuwe natie was geboren, de Verenigde Staten van Amerika.

In de Onafhankelijkheidsverklaring staat in de tweede alinea de wereldberoemd geworden zin: „Wij beschouwen deze waarheden als vanzelfsprekend: dat alle mensen als gelijken worden geschapen.” Dat er een contradictie bestond tussen die mooie woorden en het bestaan van de slavernij, was meteen al duidelijk. Maar de zin werd een opdracht, een bron van inspiratie voor Amerikanen die op de bres stonden voor gelijke rechten.

In 1963 haalde Martin Luther King de Founding Fathers aan. Want ook lang nadat de slavernij was afgeschaft bleven hun woorden „een belofte dat alle mensen, zowel zwart als blank, de garantie zouden hebben van de onvervreemdbare rechten op leven, vrijheid en het nastreven van geluk”. Ook voor King was het nog lang geen werkelijkheid, maar hij had „een droom, dat op een dag dit land zal opstaan en zal leven naar de ware betekenis van zijn credo: dat alle mensen als gelijken zijn geschapen”.

Meer dan een halve eeuw later heeft Amerika op dit terrein veel vooruitgang geboekt en zelfs een Afro-Amerikaanse president. Maar de belofte van 1776 is nog steeds niet ingelost. De terreuraanslag vorige week op een zwarte kerk in Charleston, waar een blanke man negen zwarte kerkgangers doodschoot, liet opnieuw zien dat Amerika zijn verleden van racisme niet achter zich heeft gelaten.

Voor geen enkele Afro-Amerikaan kan dat een verrassing zijn, en ook niet voor wie het nieuws een beetje volgt. Maar intens pijnlijk is het wel. De wettelijke achterstelling van zwarte Amerikanen mag verleden tijd zijn, in de praktijk worden hun rechten nog steeds onevenredig vaak geschonden – door racistische groeperingen en individuen, maar ook door de overheid. De politieagenten die de laatste tijd dankzij videobeelden zijn betrapt bij het doodschieten van ongewapende zwarte mannen, vormen daarvan een illustratie. Het hele strafrechtelijke systeem in de Verenigde Staten benadeelt de zwarte bevolking, getuige het hoge percentage Afro-Amerikaanse mannen en jongens dat, soms voor kleine vergrijpen, in de gevangenis zit.

De omgang met raciale problemen blijft een open wond in de Amerikaanse samenleving, die nooit genegeerd kan worden. Wat de opstellers van de Onafhankelijkheidsverklaring een vanzelfsprekende waarheid vonden, moet voortdurend worden bevochten.