Griekse en Europese leiders gevangen in hun eigen taboes

Komen EU en Athene er vanavond uit? Er klinken verwijten als „irrationeel” en „crimineel”.

Afgaande op de snoeiharde taal van de laatste dagen is de speciale Griekenland-top vandaag gedoemd te mislukken. De Grieken zijn „onvolwassen” en „ongeloofwaardig” genoemd. En dat was nadat hun premier Alexis Tsipras EU-plannen „irrationeel” en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) „crimineel” noemde.

Nee, gezellig wordt het vanavond niet in Brussel, waar regeringsleiders bijeenkomen om een Grieks bankroet af te wenden. Zijn die Grieken écht zo onredelijk? Zijn het „drammerige pubers”? Ligt de bal – zoals eindeloos wordt herhaald – alleen bij de Grieken en bij niemand anders? Daar valt wat op af te dingen.

Athene presenteerde vorige week aan de Eurogroep-ministers plannen voor hervormingen en vermindering van de staatsschuld. Minister Yanis Varoufakis (Financiën) ging daarbij moeilijke thema’s (pensioenen, belastingmoraal) niet uit de weg. Maar er werd niet eens over gepraat. Zijn collega’s wilden geen ideeën, maar harde toezeggingen – alleen dan krijgt Athene 7,2 miljard aan noodsteun. Op de vroegtijdig afgebroken vergadering volgde een wat larmoyante jammerklacht over Griekse onvolwassenheid. Gisteren deed Tsipras een nieuw voorstel.

Zijn de eurolanden, het IMF en de Europese Centrale Bank (ECB) misschien onredelijk? Daar valt óók wat op af te dingen. Zo hoeft Griekenland, bij zijn sterk verslechterde economie, aanzienlijk minder hard te bezuinigen dan in eerste instantie werd geëist. En een bezuiniging van één procent op de verhoudingsgewijs torenhoge pensioenkosten in Griekenland klinkt niet buitensporig.

In een situatie waarin iedereen een punt heeft, maar niemand wil toegeven, ligt schelden voor de hand. EU-leiders moeten vanavond bewijzen dat ze beter kunnen dan dat en dat ze dit varkentje kunnen wassen. Als volwassenen onder elkaar. De druk is enorm: de run op Griekse banken neemt zorgelijke vormen aan en een complete chaos is in niemands belang. Uiteindelijk zit er ‘slechts’ 2 miljard euro tussen wat Athene wil en wat de EU eist, maar de struikelblokken zijn hoog en het vertrouwen is klein.

Pensioenen enige vangnet

Voor Athene zijn de pensioenen de rode lijn. Tsipras won er in januari de verkiezingen mee, eraan tornen is onmogelijk voor hem. Bovendien vormen die pensioenen in een land met massawerkloosheid zo’n beetje de laatste bron van inkomsten. De solidariteit van werkloze jongeren met hun opa’s en oma’s is niet onbaatzuchtig; het is keihard eigenbelang.

Ook de eurolanden kennen hun taboe: kwijtschelding van schulden. Griekenland is door zijn schuldenberg afgesneden van financiële markten, maar ook van het massale opkoopprogramma van schuldpapier dat de ECB is begonnen om banken te ontlasten (Quantitative Easing). En dat terwijl het er als geen ander baat bij zou hebben.

Politieke zelfmoord

De Grieken vinden dat ze buitensporig hard gestraft zijn voor de eurocrisis. Ja, door (vorige) Griekse regeringen is er gelogen over de financiën van het land. Maar de Europese munt bevatte van meet af aan weeffouten – en dat valt toch moeilijk af te schuiven op Athene alleen. Bovendien kwam het gros van de EU-noodsteun ten goede aan Duitse, Franse en Nederlandse banken die zich in Griekenland hadden verslikt; niet aan het land zelf.

Weinig economen zijn het daarmee oneens, maar voor eurolanden is kwijtschelding onbespreekbaar: straks willen alle ‘probleemlanden’ (Spanje, Portugal, Ierland) dat. En hoe zit het met de eigen verantwoordelijkheid? EU-crisisbeleid werkte elders wél. Maar niet in Griekenland omdat de Atheense regeringen het halfslachtig of dom uitvoerden: hard snijden, niet hervormen. Bovendien hebben EU-politici kiezers beloofd dat Athene elke euro noodsteun zal terugbetalen. Daarop terugkomen is politieke zelfmoord.

Varoufakis kwam vorige week met een voorstel om dat probleem te omzeilen: verplaats (een deel van) de Griekse schuld aan de ECB naar het tijdens de eurocrisis opgerichte noodfonds ESM. Een boekhoudkundige truc, het blijft Griekse schuld. Maar wel een wisseltruc die de ECB formeel in staat stelt zijn opkoopprogramma alsnog uit te breiden naar Griekenland. Zoals gezegd: Varoufakis sprak voor dovemansoren.

Donald Tusk, de voorzitter van de Europese Raad van regeringsleiders, sloot zich vrijdag aan bij het klachtenkoor. Hij sprak over „spelletjes”. Voor de Grieken gaat het om de laatste kansen, maar datzelfde geldt voor de EU-leiders. Vandaag kunnen ze deze kwestie nog meester worden. Dinsdag, als de Griekse banken weer open moeten gaan, misschien niet meer.