Fooi is vaak belangrijker dan loon

Los Angeles kent vanaf 2020 een veel hoger minimumloon. Maar zal dat de armoede verdrijven?

Medewerkers in de thuiszorg demonstreerden eerder dit jaar in Los Angeles voor een verhoging van hun uurloon.
Medewerkers in de thuiszorg demonstreerden eerder dit jaar in Los Angeles voor een verhoging van hun uurloon. Foto Nick Ut / AP

Sonya, een vrolijke vrouw van in de vijftig, pakt elke dag de boodschappen in van gehaaste klanten bij supermarkt Ralph’s aan Lincoln Boulevard. De immigrante verdient 9 dollar per uur, 8,20 euro. Ook met een 50-urige werkweek én een tweede baan in de avonduren als werkster levert dat geen ruim inkomen op voor de alleenstaande moeder en haar drie kinderen.

Ze is dan ook blij met de aangekondigde verhoging van het minimumloon in Los Angeles, de grootste stad van de VS na New York. „Misschien kunnen we verhuizen.” Ze zet een volle tas in het winkelwagentje. „Maar het is pas in 2020 zover! Dan is alles natuurlijk veel duurder.”

Het heft in eigen hand

In Los Angeles is het opmerkelijke besluit van de gemeenteraad om het minimumloon fors te verhogen, met gemengde gevoelens ontvangen. De raad bepaalde onlangs dat in de staat Californië het minimumuurloon van 9 dollar naar 15 ollar gaat. Aangezien het Congres in Washington het maar niet eens kan worden over een landelijke verhoging – het federale minimum is 7,25 dollar – nemen steeds meer staten en gemeenten het heft in eigen hand. Werkgevers zijn gedwongen om de lokale standaard te volgen.

Gemeenteraadslid Gil Cedillo sprak tijdens een persconferentie van „mogelijk de belangrijkste verschuiving van welvaart in de geschiedenis van onze stad”. Los Angeles telt honderdduizenden werknemers, vooral immigranten, die hun hele leven zwaar werk doen voor een paar dollar per uur. Onder vakbonden en andere activisten is het doel: voor iedereen een ‘living wage’, een leefbaar loon. Met het federale minimum van 7,25 komt iemand met een 40-urige werkweek op een jaarinkomen van 15.000 dollar bruto – en dat is voordat de belastingdienst aanklopt.

LA volgt het voorbeeld van San Francisco en Seattle, waar schoonmaaksters en chauffeurs over een paar jaar eveneens 15 dollar per uur gaan verdienen. Ook in zulke uiteenlopende staten als het zuidelijke, conservatieve Arkansas en het noordoostelijke, progressieve Rhode Island zijn verhogingen doorgevoerd.

„Het is tijd voor een beter loon”, zegt Alejandro, een illegale Mexicaan die de hele dag auto’s afdroogt nadat ze door de wasstraat in Santa Monica zijn gereden. Maar of het hem echt zal raken, betwijfelt hij. Alejandro werkt zwart en verdient nog minder dan het minimum – aan loon. Met fooien echter verdient hij veel méér dan het oude én toekomstige minimum. Toch is hij blij met de verhoging: „Als ons werk belangrijk is, moeten we ook goed worden betaald.”

Sommige grote bedrijven in Californië hebben het voorbeeld van de steden al gevolgd. Zo heeft Facebook besloten dat aannemers die zaken met het bedrijf willen doen, hun personeel ten minste 15 dollar moeten betalen. Deze brede beweging voor betere beloning past in de landelijke discussie over de toenemende inkomensongelijkheid. Maar het is de vraag of hogere minimumlonen in de huidige vorm meer dan een pyrrusoverwinning zijn.

Kleine bedrijven hoeven niet

Neem Los Angeles. Tegen 2020 zullen de prijzen zo sterk gestegen zijn dat mensen niet veel méér zullen overhouden. Kleine bedrijven met minder dan 25 werknemers hoeven het nieuwe minimum bovendien niet meteen te volgen. Kleine bedrijven zijn ook bang dat ze mensen moeten ontslaan omdat ze het nieuwe minimum niet kúnnen betalen.

In veel sectoren in de VS is de fooicultuur bovendien belangrijker dan het officiële loon. Barman Eric in Venice Beach krijgt op papier 9 dollar. Hij vertelt dat zijn werkelijke uurloon op een drukke donderdagavond 60 dollar is. Dat past in een statistiek die de vakbonden meestal niet noemen. Veruit de meesten in Los Angeles die het minimum krijgen zijn jong: 16 tot 24 jaar. Tweederde van hen zijn studenten. Ze wonen vaak nog thuis, zijn onderdeel van de middenklasse en zijn niet de hoofdverantwoordelijke voor het gezinsinkomen. Critici van de verhoging wijzen er dan ook op dat in de discussie over de lonen geen rekening wordt gehouden met de onderlinge verschillen tussen de miljoenen Amerikanen die weinig verdienen.

Toch zijn burgemeester en gemeenteraad blij met de verhoging. Want ondanks decennia van Democratisch bestuur en progressief beleid is LA de armste grote stad van de VS. Nergens leven meer mensen onder de armoedegrens.

Laphonza Butler van de actiegroep Raise the Minumum Wage Coalition zei in een verklaring: „Het is niet wat werknemers in LA nodig hebben. Maar het is wel een grote stap weg van de huidige situatie.”

Autopoetser Alejandro zegt dat het voor arbeiders als hij eigenlijk een academische discussie is. „We doen dit soort werk tijdelijk.” Hij volgt Engelse lessen en wil computertechniek gaan studeren. „Denk je echt dat ik in 2020 nog steeds voor een paar dollar per uur auto’s sta te wassen?”