Als het even niet loopt, mogen de jonkies de boel vlottrekken

Nederlands team zakt door de ondergrens, maar niemand twijfelt aan goede afloop.

Ginella Zerbo juicht met Maria Verschoor nadat de laatste de beslissende 2-1 heeft gemaakt tegen Zuid-Korea. De pas 18-jarige Zerbo zorgde voor de assist.
Ginella Zerbo juicht met Maria Verschoor nadat de laatste de beslissende 2-1 heeft gemaakt tegen Zuid-Korea. De pas 18-jarige Zerbo zorgde voor de assist. foto sander koning/anp

Soepele combinaties, onnavolgbare tip-ins, een spervuur van rake strafcorners. Drie punten – en op naar de volgende titel. Meestal lijkt het alsof het allemaal vanzelf gaat bij de Nederlandse hockeysters. Maar zo simpel is het niet, bezweert aanvoerster Maartje Paumen terwijl ze het zweet van haar voorhoofd veegt. Haar ploeg heeft zojuist met de allergrootste moeite de nummer negen van de wereld verslagen, Zuid-Korea (2-1). „We moeten er echt keihard voor werken. En het moet tien keer beter dan dit.”

Ze zijn schaars, slechte dagen van het Nederlands elftal, al ruim tien jaar de norm in het internationale vrouwenhockey. Een jaar geleden nog oppermachtig wereldkampioen in Den Haag – met slechts één tegendoelpunt. Maar gistermiddag zag bondscoach Sjoerd Marijne hoe zijn speelsters „door de ondergrens” zakten bij de Hockey World League in Brasschaat, waar de komende weken het olympische ticket voor ‘Rio 2016’ moet worden verdiend.

Niet dat iemand aan de goede afloop van die missie twijfelt, maar wat het sterrenteam gistermiddag onder de rook van Antwerpen presteerde deed af en toe pijn aan de ogen. Twee kwarten lang, bij een tussenstand van 1-1, was het ploeteren: verkeerde passes, slechte aannames, trage combinaties – en acht gemiste strafcorners. „Het kan ook wel eens nuttig zijn”, zei Paumen naderhand, berustend. Het was ook niet haar middag geweest. „Iedereen is dat mooie combinatiespel gewend van ons, maar het is goed om te zien dat we ook met vechtlust kunnen winnen als het niet loopt. Dit soort wedstrijden zit er een keer tussen.”

Helemaal onbegrijpelijk is het niet, tegen het decor van de World League. Zaterdag begon Nederland aan de reis naar Rio met een walk-over tegen Frankrijk, dat in allerijl was opgeroepen nadat Azerbajdzjan om onduidelijke redenen niet is komen opdagen in Vlaanderen. Om de selectie op peil te krijgen liet Frankrijk, nummer 24 van de wereld, twee Nederlandse Françaises debuteren die Maartje Paumen alleen van televisie kennen: Demi Lefranc van de meisjes A1 van HDM, en Fiona Dalhuijsen van eersteklasser Strawberries. Dat zij een uurtje als schietschijf dienden (11-0) was dan ook geen verrassing.

Dat is al jaren het luxeprobleem van de Nederlandse hockeysters: als zij zich willen verbeteren zullen ze het zelf moeten doen, want een betere ploeg is er niet. Maar Marijne heeft een unieke groep speelsters. „Wij leggen de lat heel hoog voor onszelf.”.

Dat betekent urenlang trainen op de belegering, zoals hij het noemt: doelpunten forceren tegen teams die een muur optrekken rond hun eigen cirkel en hopen op een uitbraak, zoals Zuid-Korea gisteren bijna perfect deed.

„Wij hebben een groep die nooit tevreden is, ook niet als we gewonnen hebben”, zegt Paumen, nog altijd tot op het bot gedreven. Maar ze is niet alleen: „Iedereen klapt erop bij ons, elke training, elke partijtje. Dat komt voor een groot deel uit de speelsters zelf. Maar de trainersstaf bedenkt ook manieren om ons uit te dagen, kleine aanpassingen van het spelsysteem, andere trainingsvormen. En het is heel belangrijk dat zij voor ons het plezier erin houden. We willen kneiterhard trainen, maar het moet ook leuk zijn.”

En Marijne maakt bij het fris houden van zijn selectie gretig gebruik van de enorme vijver aan jeugdig talent waaruit hij kan vissen. Toen Nederland gisteren aan de grond gelopen was, werd de boel twaalf minuten voor het einde alsnog vlot getrokken door de jongste speelster van het team, Ginella Zerbo – net achttien jaar oud en nog geen twee weken in het bezit van haar havo-diploma. Zij ontfutselde een Koreaanse verdediger de bal en bood een ander jonkie, Maria Verschoor, een niet te missen kans op de winnende treffer (2-1).

Paumen keek trots toe hoe het talentvolle duo de wedstrijd alsnog besliste. Zerbo, die vorig jaar overstapte van Pinoké naar SCHC, bewijst de laatste maanden haar uitzonderlijke instinct in de vijandelijke cirkel. Met het wegvallen van Kim Lammers, na het WK in Den Haag, lijkt zij een gouden aanwinst voor de toekomst. Zelf wil ze daar niks van weten. „De opvolgster van Kim Lammers? Nee, zo zie ik dat totaal niet. Ik wil gewoon lekker hockeyen. Verder zie ik het wel.”

Nog steeds knijpt Zerbo zichzelf af en toe in de arm. Bijvoorbeeld in het spelershotel, als ze zich aan de ontbijttafel ineens realiseert dat ze naast Ellen Hoog of Naomi van As een boterham zit te smeren. „Echt supervet. Dan denk ik: shit, ik zit naast Naomi. Ik kijk nog wel tegen ze op. Maar ze praten gewoon met me, betrekken me bij de groep, geven me tips. Ik kan zoveel van ze leren.”