Kerk Charleston weer open na schietpartij

De herdenkingsplek bij de kerk waar donderdag negen kerkgangers werden gedood Foto: EPA/ John Taggart

De kerk in Charleston waar eerder deze week negen zwarte kerkgangers werden gedood, gaat vandaag voor het eerst sinds de schietpartij weer open voor een dienst.

In de stad in de Amerikaanse staat South Carolina staan vandaag meerdere herdenkingsbijeenkomsten gepland om de slachtoffers te herdenken en om aandacht te vragen voor de kwestie van rassenhaat. Zo zullen veel kerken om 10.00 uur lokale tijd tegelijk de klokken luiden en komt er een menselijke keten tussen de getroffen kerk en de buurt in Charleston waar een groot deel van de afro-Amerikaanse gemeenschap woont.

De 21-jarige schutter Dylann Roof liep donderdag tijdens een dienst de kerk binnen en opende het vuur op de aanwezigen. Na te zijn opgepakt bekende Roof de schietpartij met voorbedachte rade te hebben gepleegd, om naar eigen zeggen een ‘rassenoorlog’ te ontketenen.

Oude maatschappelijke discussies laaien op

De schietpartij heeft een aantal oude maatschappelijke discussies weer hoog op de Amerikaanse agenda gezet. Zo riep president Obama op om na te denken over een wijziging van de wapenwetgeving.

Ook wordt er gesproken over de rol van de Confederate Flag, de vlag die de zuidelijke Amerikaanse staten tijdens de burgeroorlog voerden en die in verband wordt gebracht met slavernij.

Daily Show-presentator Jon Stewart, normaal gesproken in staat om over al een grap over te maken, sprak in een emotionele monoloog bitter over hoe er volgens hem nog steeds wordt weggekeken als het om racisme gaat.

Ten koste van miljarden dollars en duizenden Amerikaanse levens vielen we twee staten binnen, we vliegen met drones boven zes landen, we martelen mensen; we doen alles om Amerikanen veilig te houden. En wat zeggen we als er negen kerkgangers worden doodgeschoten? ‘Gekken blijven gek, wat doe je eraan?’ Daar kan ik niet over uit.”

Lees ook:de reportage ‘Angst voor oude tijden van hate crimes’ van onze correspondent Guus Valk.