‘Ik wil het leven versieren’

Elke week vertelt iemand over zijn of haar eigenzinnige kledingstijl. Deze week Ido Vunderink, die bij elk jasje passende sieraden heeft. „Van mezelf ben ik niet zo'n mooie jongen.”

None
Foto Jan Willem Kaldenbach

Ido Vunderink (80), kunstenaar uit Woerden.

Draagt u altijd zulke mooie sieraden?

„Thuis sta ik altijd in mijn verfkleding. Maar als ik uit ga, ga ik correct uit. Dit jasje heb ik in wel acht kleuren, ik heb ze gekocht bij een Egyptische winkel in Utrecht. Bij de zwarte draag ik zwarte sieraden, bij de paarse paarse sieraden, bij de witte witte, bij de gele gele, bij de roze roze. Er zijn mensen die alles maar over elkaar heen schuiven, maar dat vind ik verschrikkelijk.”

„Ik ben niet zo’n mooie jongen, dus ik moet er zelf wat fraais van maken. Als ik op een kunstbeurs kom, komen tientallen vrouwen naar me toe: ‘Wat enig dat u dat durft te dragen!’ Ik geniet er zelf ook echt van als ik iemand zie die er mooi uitziet. Ik zag een keer een vrouw in Amsterdam, prachtige bontjas, pinhakken. ‘Wat zie je er mooi uit’, zei ik, ‘en je lóópt zo mooi’. Haar man begon al uit te halen. ‘Ik ben homo!’, riep ik. Moest ik me nog verdedigen ook.”

Wanneer begon u met het dragen van sieraden?

„Toen ik puber was. Ik maakte ze zelf. Ik heb het leven altijd willen versieren. Toen ik vier was, begon ik al met schilderen. Ik maakte ook veel kleding voor mijn zusje en mezelf. Ik kom gelukkig uit een artistieke familie, dus ze waren thuis wel wat gewend. Mijn moeder was ook een beetje gek, wij hadden een heel ander huis dan de anderen. Wij gingen naar een gereformeerde boerenkerk, daar waren we totale buitenstaanders. Op school stond ik ook altijd alleen in een hoekje. Maar dat kwam ook doordat ik woordblind was. Domme Ido, dachten ze.”

Ontwerpt u nog steeds?

„De meeste van mijn sieraden heb ik zelf ontworpen. Net als de blouses die ik draag. Ze hebben heel wijde mouwen, een staande kraag en een beetje ruimte op de buik. Ik heb ze in alle kleuren. De vrouw van de dierenarts heeft ze voor me gemaakt. Ik heb er ooit een gegeven aan een kunstenaar die ze mooi vond, maar toen ik hem erin zag lopen, voelde ik me unheimisch: die man liep in mijn blouse. Mensen moeten hun eigen keuzes maken, hun eigen padje vinden.”

Milou van Rossum

    • Milou van Rossum