‘Ik denk niet dat het Schaaij-effect bestaat’

De Friese beleggingsadviseur werd landelijk bekend door tv-programma Business Class van Harry Mens. Er zou zelfs een Schaaij-effect zijn op aandelen die hij bespreekt. Nu wil hij zelf naar de beurs.

Beleggingsadviseur Geert Schaaij: „Ik bouw mijn eigen sprookje.”
Beleggingsadviseur Geert Schaaij: „Ik bouw mijn eigen sprookje.” Foto Sake Elzinga

‘Wie had de eerste iPad?” [stilte] „Calimero!” Geert Schaaij grijnst van oor tot oor en vouwt met zijn handen een hoedje boven zijn hoofd. „Ei-pet”, zegt hij triomfantelijk.

De mop klinkt iets beter dankzij zijn Friese tongval, waarbij cash er als ‘kes’ en iPad er als ‘ei-pet’ uit komt. Geert Schaaij (57) is door zijn zondagochtendoptredens bij tv-programma Business Class in tien jaar uitgegroeid tot een van de bekendste beleggingsadviseurs in Nederland. Vaste kijkers kennen hem van zijn moppen, het blad Beursgenoten en de ‘pareltjes op de beurs’ die hij aanwijst.

Binnenkort is Schaaij ook bekend als eigenaar van een Nederlands beursfonds. Vorige maand gingen de aandeelhouders van drukkerij Roto Smeets namelijk akkoord met de verkoop van de aandelen. Daarmee is voor Schaaij de weg vrij om de notering over te nemen en om te dopen in de Verenigde Nederlandse Compagnie.

De wat?

„Het gaat om dat gevoel van de Gouden Eeuw. Die oude economische waarden waarbij we met elkaar ergens in willen investeren. Ik heb een ontzettende hang naar die tijd. Mijn bibliotheekkamer is ook helemaal in die sfeer.”

Waarom wilt u een eigen beursfonds?

„Ik heb vaker grote belangen in bedrijven gehad. Dan denk je na over wat je anders zou doen en hoe het is om zelf zoiets te beginnen. Zo is bij mij de gedachte ontstaan om een fonds volledig te kopen. Dat lijkt me mooi.”

Naar het model van investeringsmaatschappij HAL moeten er straks onder VNC bedrijven hangen. Schaaij hanteert de criteria dat ze minimaal 700.000 euro per jaar verdienen, groeipotentie hebben én dat hij ze begrijpt.

Gaat u een emissie doen?

„Dat weet ik nog niet. Als ik een winstgevend bedrijf koop kan ik het ook financieren met contanten, aandelen of een mix.”

Maar nu is de overnamekas leeg.

„Ja, maar ik ben wel in staat om die te vullen als dat nodig is. Of anders heb ik wel vrienden die dat doen.”

Een neus voor bedrijven heeft Schaaij wel, zegt hij. Onder zijn bv-boom vallen onder meer investeringen in Nederlands en Duits vastgoed, een sociëteit in Leeuwarden en het bedrijf Pedicare dat een middel tegen zweetvoeten verkoopt. „Daar hadden we vroeger last van tot we dit middel tegenkwamen.” De laatste investering is in het bedrijf Neyfik, dat biologische brandblusapparaten verkoopt. „Geloof ik heel erg in.”

Schaaij woont in in Zuidvelde, iets boven Assen. Hij heeft er een landhuis en 15 hectare grond. Op de oprit staan een Rolls Royce, een Bentley en een Porsche. „Ik heb eigen paarden, eigen koeien, eigen geiten”, wijst hij druk tijdens een rondleiding. Op het hoesje van zijn iPhone prijkt het Porsche-logo, op de ene manchetknoop ‘Buy’, op de ander ‘Sell’. Volgens Schaaij prikkelde de sobere instelling van zijn vader zijn ambities en hang naar luxe. „Ik bouw mijn eigen sprookje.”

In 2006 raakte hij in opspraak toen hij als baas van vermogensbeheerder International Assets op televisie het aandeel van beddenproducent Dico aanraadde, terwijl zijn bedrijf daar belangen in had. Schaaij stopte en verkocht de aandelen van zijn bedrijf.

Met toezichthouder Autoriteit Financiële Markten schikte hij. De brancheorganisatie van beleggingsadviseurs DSI schorste hem, terwijl hij naar eigen zeggen al twee jaar geen lid meer was. „Mij schorsen, maar geen straf geven omdat ik al genoeg gestraft was omdat ik mijn bedrijf verkocht had”, briest hij. „Nou dat valt wel mee hoor, van die verkoop ben ik gewoon miljonair geworden.”

Hij vindt het hele voorval onterecht, omdat de wet meldt dat je transparant moet zijn over beleggingsposities en hij zegt dat hij dat was. „Als je geen positie neemt in wat je zelf adviseert ben je eigenlijk een bakker die zijn eigen brood niet eet.”

In uw maandelijkse blad ‘Beursgenoten’ stonden recent adviezen over Aegon, Delta Lloyd, TomTom, Snowworld en meer. Heeft u daar allemaal posities in?

„Nee ik geef te veel adviezen, dat kan niet. Je moet kiezen wat bij je profiel past.”

Is het met de hoge koersen tegenwoordig nog wel slim om aandelen bij te kopen?

„Ja. Geld hebben kost tegenwoordig geld en ik denk dat je alleen door te beleggen rijker kan worden. Ik zou van mijn rente moeten kunnen leven, maar dat kan niet.”

Er zijn meerdere voorbeelden van kleine beursbedrijven met koersstijgingen nadat u die op tv aanraadt. Gelooft u eigenlijk in dat ‘Schaaij-effect’?

„Nee, ik denk niet dat het bestaat. Dat een aandeel herstelt heeft niks met mij te maken maar komt doordat het een vergeten aandeel is. Toen ik in december 2012 de Telegraaf Media Groep aanraadde, steeg het aandeel van 7 naar 7,50 euro en daarna in een streep door naar 15 euro. Daar draait het om, die lange termijn.”

U zit al tien jaar maandelijks bij Harry Mens. Krijgt u kwantumkorting?

„Ik heb veel aan Harry te danken. Na dat voorval in 2006 had ik mijn aandelen verkocht en zei Harry: je moet terugkomen op televisie. Toen dacht ik: laat ik hetzelfde doen als Rienk Kamer [een inmiddels overleden beursadviseur, red.] maar dan omgekeerd. Rienk was altijd heel negatief, ik ben positief. Rienk deed het op stencils. Ik doe alles op rode loper-niveau.”

Schaaij wijst naar de letters waarmee Beursgenoten op de cover is geschreven. „Je ziet, ik heb zelfs goudopslag.”

Na de eerste uitzending verdiende hij 150.000 euro. „Toen ben ik Harry ook gaan betalen. Wie appelen vaart, wie appelen eet. Ik koop altijd een bak reclamespotjes om die uitzendingen heen.”

Een rekensom leert dat Schaaij met zijn meer dan 4.000 leden van Beursgenoten en abonnementsgeld van 476 euro jaarlijks 2 miljoen euro ophaalt. „Je kan ervan uitgaan dat er veel op verdiend wordt. Ik heb een paar man op kantoor zitten, maar dat is het dan ook.”

Wie zijn dat dan? Mensen die vroeger bij Goldman Sachs werkten bijvoorbeeld?

„Ik werk veel met losse analisten. Zo heb ik iemand die op Wall Street heeft gezeten. De een is beter dan de ander. Soms denk ik: je hebt niet in de gaten wat daar staat en pak ik alle stukken erbij en maak de slag opnieuw.”