Dat Poetin met kernwapens schermt is teken van zwakte

Het is geen geheim dat Rusland kernwapens bezit, ja zelfs een van de twee grote kernmachten is. Maar toch vindt president Poetin het nodig om de wereld daar met enige regelmaat luid en duidelijk aan te herinneren. Of de bedoeling daarvan nu is om het Westen te intimideren danwel de eigen bevolking te laten zien dat Rusland nog steeds een grootmacht is, valt moeilijk te zeggen. En misschien heeft hij er nog wel andere motieven voor. Maar zeker is dat de schijnbare lichtvaardigheid waarmee hij deze massavernietigingswapens af en toe ter sprake brengt verontrustend is.

Op een grote wapenbeurs in Moskou kondigde Poetin deze week aan dat Rusland dit jaar veertig nieuwe, intercontinentale kernraketten aanschaft. In maart zei hij in een documentaire dat hij in 2014, toen zijn land de Krim annexeerde, had overwogen om kernwapens in verhoogde staat van paraatheid te brengen. In dezelfde maand dreigde zijn ambassadeur in Kopenhagen de Denen dat hun vloot doelwit van Russische kernwapens wordt, als ze zo onverstandig zijn om zich aan te sluiten bij het raketschild dat de NAVO ontwikkelt. En vorige zomer zei Poetin dat Rusland werkt aan een nieuwe type nucleair aanvalswapen – en dat de mensen vooral niet moeten vergeten dat Rusland een van de sterkste kernmachten van de wereld is.

Dat laatste is in elk geval waar. Nucleaire bewapening is het enige terrein waarop Rusland zich nog min of meer als gelijke van de Verenigde Staten kan beschouwen. Op elk ander gebied is Rusland eigenlijk niet meer dan een regionale macht, zoals president Obama het vorig jaar op een persconferentie in Den Haag enigszins neerbuigend, maar wel terecht uitdrukte.

Juist de relatieve zwakte van Rusland maakt het nucleaire wapengekletter zorgelijk. De conventionele strijdkrachten van Rusland worden onder Poetin weliswaar gemoderniseerd, maar ze hebben nog een hele lange weg te gaan voor ze zich kunnen meten met de troepen van de NAVO. Met zijn nucleaire dikdoenerij lijkt Poetin die achterstand te willen compenseren.

En dikdoenerij is het. De dinsdag beloofde nieuwe kernraketten klinken wel indrukwekkend, maar vermoedelijk maken ze deel uit van een al in 2012 aangekondigde modernisering van het nucleaire arsenaal – het soort modernisering dat ook de Amerikanen uitvoeren. Oude raketten worden afgedankt, nieuwe komen ervoor in de plaats. In 2010 kwamen Washington en Moskou in het zogeheten Nieuwe START-verdrag overeen dat ze elk niet meer dat 700 strategische kernraketten zullen opstellen. Ook met de aanschaf van die veertig nieuwe zit Rusland nog ruimschoots onder dat plafond.

Mogelijk was Poetins uitspraak deze week een reactie op het nieuws dat het Pentagon overweegt zware wapens te plaatsen in NAVO-landen in Oost-Europa, als afschrikking tegen een eventuele Russische aanval. Maar het is juist het optreden van Rusland in Oekraïne dat heeft geleid tot de ongerustheid van de NAVO en tot de roep van Oost-Europese landen om meer bewijzen van bondgenootschappelijke solidariteit.

Nucleaire afschrikking is een heel ander spel, met enorme risico’s. Losjes geuite dreigementen kunnen daarin tot gevaarlijke misverstanden en escalatie leiden. Rusland heeft met de schimmige oorlogvoering in de Krim en het oosten van Oekraïne al grote en aanhoudende onzekerheid geschapen over de veiligheid en stabiliteit op het Europese continent. Extra verwarring zaaien met uitspraken over kernwapens is onverantwoord.