Via een wiskundige formule naar school

De vereniging van Amsterdamse schoolbesturen (Osvo) kreeg veel kritiek op het dit jaar ingevoerde computersysteem dat kinderen op middelbare scholen plaatst. Deze matching moet de schaarse plekken op de populairste middelbare scholen gelijkmatiger verdelen. Het systeem vervangt in Amsterdam de omstreden loting, waardoor elk jaar honderden kinderen werden uitgeloot die daarna alleen nog op een (doorgaans impopulaire) school terecht konden waar nog wél plek was.

Dit jaar heeft een computer de leerlingen uit groep acht van de basisschool via een wiskundige formule geplaatst. Zo’n 7.500 leerlingen hebben een ranglijst opgegeven met scholen waar ze naartoe zouden willen. De computer wees de leerlingen vervolgens aan de scholen toe. Het streven was alle kinderen een plaats te kunnen bieden in hun schooltop-3. Dat is voor 95 procent gelukt.

Vrijwel alle kinderen, 99 procent, zijn terechtgekomen op een school uit hun top-5. Die laatste procent, zo’n 75 kinderen, is slechter terechtgekomen: op hun zesde keuze of lager. Nog eens tientallen kinderen kregen een willekeurige school aangewezen, omdat ze minder dan vijf voorkeuren hadden opgegeven. De Osvo noemt de uitslag „succesvol”.

De boosheid van ouders richt zich nu vooral op het ‘ruilverbod’. Als de Osvo ruilen zou toestaan, zouden méér kinderen op hun voorkeursschool terechtkomen. Het komt bijvoorbeeld voor dat Pietje op zijn keuze 3 geplaatst is, terwijl dit de eerste keuze was van klasgenoot Henk. En Henk zit op de eerste keuze van Pietje – zijn eigen tweede keuze.

Volgens de Osvo en de gemeente kleven er echter grote nadelen aan ruilen. Het is bijvoorbeeld oneerlijk voor kinderen die op een wachtlijst staan. Het risico bestaat dat plekken worden verkocht, voor hoge bedragen. Een groep van dertig ouders heeft een kort geding aangespannen tegen het ruilverbod, dat dinsdag dient.