‘Ziekenboeg’ bank blijft vol

De economie trekt aan, maar het aantal ‘probleemleningen’ loopt nauwelijks terug.

Het ging toch juist weer goed met de economie? De laatste weken klinkt het ene na het andere optimistische geluid. Het herstel is zeven jaar na de crisis eindelijk daar. Maar banken, waar de crisis begon, lijken daar nog weinig van te merken.

Gisteren publiceerde accountants- en advieskantoor PwC een onderzoek naar ‘probleemleningen’ van banken: leningen waarbij klanten een rentebetaling hebben gemist of niet aan aflossingverplichtingen kunnen voldoen. Na het uitbreken van de crisis in 2008 schoten die de lucht in. Ze zijn de ultieme indicatie van hoe hard de crisis bij banken heeft toegeslagen – en dus ook van hoezeer die nu is weggeëbd.

Een van de op het oog opvallendere inzichten: de omvang van de probleemkredieten stijgt nog steeds. Eind vorig jaar was die 55 miljard euro voor alle banken samen. Vier jaar geleden, het punt waarop PWC begon te meten, was dat 52 miljard. Hoe zit dat precies?

Keerpunt

Een van de opstellers van het rapport, Wilbert van den Heuvel, zegt meteen dat het allemaal wel meevalt. Over de hele periode bezien mag dan sprake zijn van een stijging, maar die blijft „relatief marginaal”. Daarbij, zegt hij: Als je vanaf 2012 kijkt, is er wél sprake van een daling. Toen piekte het niveau op 57 miljard euro.

Maar eigenlijk, zegt Van den Heuvel, is het de afgelopen jaren gewoon „stabiel” geweest. Bij banken in andere Europese landen, waar PWC ook naar keek, was pas echt een stijging. In Italië zagen banken hun probleemkredieten meer dan verdubbelen, van 78 miljard euro naar 184 miljard.

Toegegeven, de niveaus zijn nog altijd hoger dan in normale tijden. Maar stabilisering wijst op een keerpunt. Ook voor Nederlandse banken is er licht aan het einde van de tunnel, aldus Van den Heuvel. Het is volgens hem begrijpelijk dat er niet meteen een spectaculaire daling komt. Als de economie herstelt, volgen banken met vertraging. „Het kost een paar jaar voordat dingen opgelost zijn.”

Ondernemers met betalingsproblemen komen in de ‘ziekenboeg’ van de bank terecht, de afdeling Bijzonder Beheer. Het duurt even voordat iemand daar weer uit komt als het beter gaat. Zes tot twaalf maanden, zegt Van den Heuvel.

En het aantal nieuwe ‘patiënten’ is nog maar net aan het stabiliseren. Een gevolg van het feit dat vooral grote ondernemingen pas laat in een crisis in problemen komen. Ze maken eerst hun reserves op in een poging het noodlot af te wenden. In vastgoed en detailhandel is het herstel nog lang niet zichtbaar, denk aan de problemen van bouwer Ballast Nedam en aan V&D. Bij zulke grote bedrijven gaat het ook vaak om grote kredieten. Dat tikt aan als het om de problemenbalans gaat.

Uitverkoop

Banken proberen het herstel te versnellen, bijvoorbeeld door te proberen hun probleemkredieten door te verkopen aan durfinvesteerders. Die zijn naarstig op zoek naar beleggingskansen, nu de rente extreem laag is. Daardoor durven ze meer risico te nemen. Het scheelt banken een hoop kosten (leningen die niet terug worden betaald) én ze brengen er hun balans mee op orde. Banken moeten sinds de crisis hogere buffers aanhouden. Dat gaat in percentages van de totale balans. Een optie is dus: extra kapitaal aanhouden, bijvoorbeeld door aandelenverkoop of inhouden van winst (en dus minder dividend uitkeren). Of, als dat niet lukt of lastig ligt, de balans verkorten: leningen verkopen.

Maar volgens PwC zie je dit voorlopig vooral gebeuren in andere landen. Het is in Nederland geen traditie en het ligt vaak ook juridisch moeilijk. Banken mogen hun leningen niet zomaar doorverkopen als dat niet in het contract staat. Toch kan het snel gaan straks.

De versoepeling van het ontslagrecht dit jaar kan het bedrijven makkelijker maken mensen te ontslaan, daarmee kosten te besparen en zo eerder uit problemen te komen. Kleine veranderingen kunnen een grote impact hebben, zie de recente lichte stijging van de huizenprijzen waardoor volgens Rabobank de huizen van ruim 165.000 gezinnen ineens niet meer ‘onder water’ staan. Dat is een fijn vooruitzicht voor banken.