Prostitutie heeft vakbond nodig, geen ontmoedigingsbeleid

Ontmoedigingsbeleid in de prostitutie werkt averechts zo bleek uit Ciroc-onderzoek. Volgens manager Peter Groen is ondersteuning van een collectief als PROUD veel effectiever.

In hun opiniestuk Liberalen en feministen: jullie geloof in de happy hooker is vals (12 juni, nrc.next) stellen Dick Pels en Gert-Jan Segers dat misstanden in de prostitutie bestreden moeten worden met een beleid van ontmoediging. Als onderbouwing is het stuk gelardeerd met drogredenen en tranentrekkende, maar niet-representatieve, voorbeelden. Zo wordt ‘vastgesteld’ dat legalisering van prostitutie mislukt is; mensenhandel en uitbuiting bestaan namelijk nog steeds op de wallen. Je kunt echter op basis van dezelfde feiten ‘vaststellen’ dat juist project 1012 mislukt is: het terugdringen van het aantal ramen en poging tot ontmoediging van prostitutie heeft blijkbaar niet geresulteerd in terugdringen van de criminaliteit. Ook wordt, door middel van een quote uit het rapport van Emergo, de suggestie gewekt dat het feitelijk vaststaat dat er geen goede pooiers zijn. In dit rapport staat echter alleen dezelfde quote, zonder onderbouwing, waar als bron „kenners van de wallen” wordt genoemd. In de meeste beroepsgroepen zijn 3 à 4 van de 10 werknemers ontevreden over hun leidinggevende. Het zou kunnen zijn dat de situatie in de prostitutie erger is, maar dat is onvoldoende reden om het pooierschap te criminaliseren. Overigens: opvallend is dat in het rapport van Emergo wordt vastgesteld dat betrouwbare cijfers over vrouwenhandel niet bestaan; een feit dat handig wordt verzwegen in het opiniestuk van Pels en Segers.

Uitbuiting en andere misstanden zijn, door de eeuwen heen, voorgekomen in vele beroepsgroepen: mijnwerkers, havenarbeiders, staalwerkers etc. Vandaag de dag komt dit nog steeds voor, bijvoorbeeld in de textielindustrie en de fabricage van elektronica in het verre oosten en, dichterbij, bij bijvoorbeeld Chinese restaurants of pakketbezorgers in Nederland. Het behoeft weinig betoog dat deze misstanden bestreden moeten worden, maar het terugdringen of verbieden van de branche zelf is nooit het juiste antwoord geweest.

Dat ontmoedigingsbeleid averechts werkt, blijkt uit onderzoek naar de gevolgen van sluiting van het Utrechtse Zandpad, door Dina Siegel van het Ciroc (3 juni 2015). Haar conclusie is dat de sluiting alleen maar negatieve gevolgen heeft gehad voor de prostituees die daar werkzaam waren. Ontmoediging en pogingen tot terugdringen leiden tot verplaatsing van de activiteiten naar het illegale circuit, waar geen toezicht en geen bescherming is.

De problemen zijn in andere beroepsgroepen opgelost doordat werknemers zich hebben verenigd in een sterk collectief, dat dient als spreekbuis voor de beroepsgroep en gesprekspartner voor werkgevers en regelgevers. Dat ook prostituees behoefte hebben om mee te praten en gehoord te worden, hebben ze duidelijk aangegeven met een protestmars op 9 april j.l. Helaas is het tot nu toe niet gelukt om een effectieve vakbond op te richten voor deze beroepsgroep. Eerdere initiatieven als De rode draad en Vakwerk zijn ter ziele gegaan door intern gekonkel en financiële problemen. Wellicht dat de vereniging PROUD een nieuw begin is.

In plaats van geld en moeite te steken in ontmoediging en terugdringing, over de hoofden van de belanghebbenden heen, zouden Pels en Segers zich beter kunnen richten op het ondersteunen van collectieven als PROUD en in gesprek gaan met de prostituees, om zo te komen tot gedragen en effectief beleid.