Kijken: deze man heeft 68.000 unieke tijdschriften. Nu moeten ze online

Op de bank door een tijdschriftje bladeren, doen onze kleinkinderen dat nog? Aan de 47-jarige Britse James Hyman ligt het niet: hij heeft een gigantische collectie van 68.000 unieke exemplaren. En hij wil ze digitaliseren. Maar hoe?

Op de bank door een tijdschriftje bladeren, doen onze kleinkinderen dat nog? De publiekstijdschriften hebben het moeilijk, zo blijkt uit cijfers van oplage-instituut HOI. In 2009 haalde de bladensector nog een totale omzet van 909 miljoen euro, vorig jaar was dat 681 miljoen, schreef (€) NRC-redacteur Jan Benjamin in januari op NRC Q.

Aan de 47-jarige Britse James Hyman ligt het niet. Sinds zijn kindertijd verzamelt hij bladen, nu heeft hij 68.000 unieke exemplaren. Strips, kunst, muziek, film. De oudste exemplaren zijn de National Geographics uit 1920. Met zijn collectie, de grootste verzameling tijdschriften ter wereld, staat Hyman in het Guinness World Records-boek. Het tellen kostte 128 dagen, het catalogiseren van de collectie nam bijna een jaar in beslag.

Inmiddels is het een gigantisch archief geworden, waarin verschillende tijdsbeelden en historische ontwikkelingen te zien zijn, zoals de opkomst van housemuziek. Tegelijkertijd liggen de tijdschriften op plakken te verstoffen en probeert Hyman een manier te vinden om zijn collectie te digitaliseren. Maar hoe?

“Het liefst zouden we het in een museum zien”, zegt Hyman op de website van het Hyman Archive. “Met de digitalisering als kunstproject, real-time projecties op de muur waarop te zien is hoe tijdschriften worden gescand. Het zou geweldig zijn om de digitale collectie te labelen met behulp van crowdsourcing.” Iemand kan dan bijvoorbeeld zijn eigen foto opzoeken, of een ontbrekende editie toevoegen.

“It’s about people reclaiming their history, and a little bit of glory, which has often been lost. Right now, that is more important than ever.”

Bekijk het portret van The Atlantic.