De criminaliteit die je niet ziet

De onzichtbare criminaliteit, zoals drugshandel, neemt toe, blijkt uit recent onderzoek. „Als je wijkagenten vraagt waar ze ’s nachts van wakker liggen, dan is dát wat ze noemen.”

Burgemeester Bernt Schneiders van Haarlem kijkt samen met politie en brandweer naar zijn auto. De brand is vermoedelijk aangestoken door een lokale motorbende na een wapenvondst. Foto MICHEL VAN BERGEN/ANP
Burgemeester Bernt Schneiders van Haarlem kijkt samen met politie en brandweer naar zijn auto. De brand is vermoedelijk aangestoken door een lokale motorbende na een wapenvondst. Foto MICHEL VAN BERGEN/ANP

Toon de toerist een achterbuurt in Nederland en hij zal vragen: zijn we er al? Waar zijn de dichtgetimmerde ramen, de junks, de hangjongeren?

De overlast in wijken is grotendeels uit het straatbeeld verdwenen. De overheid heeft er de afgelopen jaren flink in geïnvesteerd. Stationspleinen werden junkvrij, ‘krachtwijken’ aangepakt en het aantal ‘high impact crimes’ ging aantoonbaar omlaag: minder straatroven, inbraken en overlastgevende groepen.

Werkloos mét een dure auto

De zichtbare criminaliteit daalde, maar de onzichtbare nam toe, zegt criminoloog Edward van der Torre, lector aan de Politieacademie. Want laat die toerist maar eens beter om zich heen kijken. Waarom is die ene bewoner werkloos maar staat er wel een Mercedes voor zijn deur? Drugshandel? En waarom zit daar verderop een kapper die nooit iemand knipt? Witwaspraktijken?

Deze voorbeelden zijn onderdeel van een „parallelle samenleving” die volgens Van der Torre in omvang toeneemt. De gevolgen daarvan beschrijft hij samen met Pieter Tops in het recent verschenen rapport Wijkenaanpak en Ondermijnende Criminaliteit.

De criminaliteit „verdiept”, zei ook voorzitter van het College van procureurs-generaal Herman Bolhaar deze week bij de presentatie van het jaarverslag van het Openbaar Ministerie (OM). De onderwereld krijgt volgens hem steeds meer invloed op de bovenwereld en dat merkt ook het gezag. Tientallen burgemeesters meldden onlangs in een enquête van Nieuwsuur regelmatig te worden geïntimideerd of bedreigd. Deze week brandde de auto van de burgemeester van Haarlem uit, mogelijk als vergelding door een lokale motorbende na een wapenvondst. In 2012 gebeurde hetzelfde met het gemeentehuis van Waalre, vermoedelijk na een conflict met een woonwagenkamp.

De ontwikkeling van de laatste decennia is dat criminaliteit vaak niet meer ‘georganiseerd’ is in groepen maar zich afspeelt binnen ‘fluïde’ netwerken met wisselende samenstellingen. Tegelijkertijd, zegt Van der Torre, zijn sommige criminelen na veertig jaar gedoogbeleid zo rijk geworden dat ze hun tientallen of honderden miljoenen euro’s verdiend in de handel met softdrugs ergens kwijt moeten. Ze kruipen nu omhoog naar de bovenwereld middels een netwerk van aannemers, advocaten, makelaars om geld wit te wassen.

Van der Torre beschrijft vier wijken waarin zulke biotopen zichtbaar zijn – anoniem, want niet elke gemeente is er even trots op.

Tijdens veldwerk zag hij bijvoorbeeld een belhuis waar alleen wat lokale jeugd rondhing, met een jaaromzet van acht ton. Jongvolwassenen met peperdure auto’s die elke verkeersregel aan hun laars lapten omdat een boete ze toch niet deert. Een jongen die van zijn vader de simkaart met telefoonnummers van drugsklanten kreeg omdat hij zich als crimineel had bewezen.

Het is criminaliteit zonder directe slachtoffers, buiten aangiftes om. Dus wie heeft er dan last van? Van der Torre: „Het gaat om rechtvaardigheid. Waarom rijdt de werkloze buurman wel een Mercedes en ik niet? In sommige wijken zie je in het denken daarover zelfs een omkering ontstaan. Daar hebben bepaalde criminele families zo’n status en machtsbasis verworven dat ze de nieuwe voorbeelden zijn. Mensen sluiten leningen bij ze af. En als je wijkagenten daar vraagt waar ze ’s nachts wakker van liggen, dan is dát wat ze noemen.”

Een nieuwe aanpak

Met een gezamenlijke aanpak proberen justitie, belastingdienst en gemeenten geldstromen na te gaan, vergunningen af te pakken en panden te controleren. Eventueel aangevuld met het sterkste geschut: Landelijke recherche erbij en stevig wat blauw ertegenaan. Of de nieuwe aanpak werkt, moet nog blijken. Van der Torre: „In kleinere gemeenten zitten hooguit een paar mensen in zo’n veiligheidsteam. Dan verlies je het juridisch van criminelen met tientallen miljoenen euro’s.”

Op de Politieacademie worden wijkagenten sinds kort geschoold in het herkennen van louche belhuizen, slechtlopende zaken met plots een nieuwe gevel - verbouwingen zijn ideaal voor witwassen. Maar het punt is: om er wat aan te doen heb je een lange adem nodig. En op het oplossen van onzichtbare criminaliteit wordt geen agent afgerekend.

Van der Torre kwam het ook tegen bij een grote drugszaak in de Randstad. Eigenlijk had het drugsteam uitgebreid moeten worden, erkende de lokale politietop. Maar het team werd juist verkleind. Het district dreigde de doelstellingen voor zichtbare criminaliteit niet te halen.