Oh my Satan, wat voelde ik me gezien

Van sommige dingen moet je geen afscheid nemen. Maandagavond was ik niet bij het concert van Marilyn Manson in Paradiso. Geen van mijn vrienden wilde mee. Op het laatste moment kwam er een kaartje vrij op Ticketswap (bless die website), maar ik zag het niet zitten om in mijn eentje tussen de ‘shockrocker’-fans te staan.

Hoe anders was het een paar jaar geleden. In 2003 trad hij op in de Heineken Music Hall. Ik was toen dertien en zichtbaar fan.

Een paar maanden daarvoor, tijdens de afscheidsmusical van groep acht, weigerde ik om een rol te spelen. Noem het kinderachtig, maar gedurende mijn basisschooljaren had ik voortdurend te horen gekregen dat mijn gekleurde punkharen, tranen van oogpotlood en armbanden met studs ‘abnormaal’ waren, dus toen al mijn klasgenoten zich ineens in verkleedkleding hesen, vond ik dat het mijn beurt was om te lachen.

Zodoende zat ik de hele musical in de coulissen en betrad ik het podium alleen voor het eindlied. Ik droeg een shirt met het wit geschminkte hoofd van Manson erop. Op mijn rug stond: ‘Bigger Than Satan’.

Een paar maanden later zat ik op een middelbare school waar ik een stuk gelukkiger was, omdat er meer kinderen rondliepen die ongelukkig waren.

Tijdens het concert dreven de sterkste lichamen in de pit de kleineren naar achter. Manson droeg een korset, kronkelde over de grond, draaide op zijn rug en liet zijn hoofd over de rand van het podium hangen. Hij bleef zingen en ik bleef springen. Even leek het alsof ik zweefde en Manson mij recht aankeek. Een seconde stond alles stil. Oh my Satan, wat voelde ik me gezien.

In New York bezocht ik eens een ‘storytelling’ avond. Mensen stoppen hun naam in een hoed en wanneer het toeval hen kiest, krijgen ze vijf minuten aandacht van publiek dat de telefoons heeft uitgezet. Een vrouw vertelde dat zij één van ‘The Slashers’ was – beruchte vrouwelijke fans die voor ieder concert zijn naam in hun borst sneden. Ze zweepten elkaar op. Dieper, meer bloed. Jeanette pleegde later zelfmoord, Alison trouwde één van de bandmanagers en Katheryn was actrice en model geworden in New York. Ze liet haar littekens zien en besloot haar verhaal positief , ‘Ik doe nu wat ik zelf wil’.

Na het applaus trof ik haar buiten. Ze had ruzie met haar vriend. Als een tribal-tatoeage vlochten zijn vingers zich om haar bovenarm. Hij schreeuwde dat ze lelijk en aandachtsziek was.

Ineens herinnerde ik me waarom ik in eerste instantie zo geïnteresseerd was geraakt in Manson. Ik had gehoord dat hij zijn onderste ribben had laten weghalen zodat hij zijn hoofd tussen zijn benen kon vouwen om zichzelf oraal te bevredigen. Het was maar een gerucht, maar wat me er toen heimelijk in aantrok: die ultieme zelfredzaamheid.

Ik had gewoon in mijn eentje moeten gaan.