Polderen in Denemarken, daar kunnen wij van leren

In een samenleving moeten alle sentimenten boven tafel komen. De Denen doen dit op een geslaagd polderfestival, aldus Rudi Westendorp.

Vernieuwing ontstaat wanneer velden van betekenis elkaar beroeren en samensmelten. Denk aan fusion cooking, publiek-private ondernemingen en paarse kabinetten. Omgekeerd kunnen problemen tussen partijen worden opgelost door er in overleg de scherpe kanten van af te schuren. Dit is een beproefd recept om vraagstukken in de politiek, binnen het algemeen bestuur en tussen private partijen op te lossen. Daarvoor moeten tegenovergestelde normen en waarden worden benoemd en door beter begrip en respect tot een oplossing worden gebracht.

Afgelopen weekend was ik op Folkemødet-festival, een maatschappelijk Oerol, op het Deense eiland Bornholm. Op dit eiland in de Oostzee kwamen voor het vijfde jaar op rij vijfentwintigduizend Denen bij elkaar uit alle streken en gezindtes van het land.

Het initiatief is overgewaaid uit Zweden en niets meer of minder dan een groots opgezet forum voor ontmoeting en discussie. Er zijn ministers, politici, vertegenwoordigers van publieke en private partijen, betrokken burgers en toeristen. Je gaat er voor drie dagen heen en je haast je niet. Het geheel laat zich het best omschrijven als een mix tussen een maritiem evenement als Sail Amsterdam, het debatprogramma Buitenhof en het bierfeest in het Beierse München.

Iedereen op Bornholm vertelde mij dat Folkemødet een blijvertje is. Het forum vult de ruimte tussen het parlementaire debat en het gevecht in de media. Het land kent geen geïnstitutionaliseerde organen voor regulier overleg. In plaats daarvan vertoeven de Denen drie dagen onder elkaar, volledig gestript van alle rang en stand. Het is een verworvenheid van tweehonderd jaar strijd voor gelijke posities en gelijke rechten.

Er was openbaar debat met de premier, de aanwezigen luisteren en interrumperen met een pilsje in de hand. Even verderop werd er gediscussieerd over de noodzaak om te de-investeren in het platteland omdat tenslotte iedereen in Kopenhagen wil wonen. Een priester, imam en een rabbi waren het totaal met elkaar oneens, maar pleitten gezamenlijk voor meer vertrouwen. Samen met de collega’s van de universiteit van Kopenhagen presenteerde ik de neergang van de dementie-epidemie.

Ons betoog riep de nodige discussie op: wie moet men nu geloven, wanneer anderen spreken over een ‘tsunami’ van dementerende patiënten?

Ik heb mij vergaapt aan de potpourri van mensen en het ongedwongen samenzijn. Ook Geert Wilders was van de partij, uitgenodigd door de Freedom of Speech Organisation. De aankondiging had veel publieke verontwaardiging veroorzaakt, maar was gevolgd door een breed gedragen consensus dat ook hij uitgenodigd moest kunnen worden.

Denen zijn tenslotte allemaal gelijk, dus iedereen moet op de zeepkist kunnen staan. Voor de bijeenkomst in het schoolgebouw waren zo’n honderdvijftig mensen op komen dagen, honderd mochten er naar binnen. Op de bühne was Wilders gepositioneerd tegenover Flemming Rose, de chef van de kunstredactie die tien jaar geleden in de Deense krant Jyllands-Posten spotprenten over Mohammed had gepubliceerd.

Rose pleitte ervoor om religieuze uitingen niet te verbieden. Na anderhalf uur was alles over en voegden de toehoorders zich in de menigte. Er was ruime belangstelling van de media. De politie was zeer nadrukkelijk aanwezig, te land, ter zee en in de lucht. Daar beklaagde iedereen zich over. Het was allemaal zo on-Deens, Folkemødet onwaardig.

Toch was niet iedereen aanwezig. Er waren opvallend weinig gekleurde mensen. Wel was er in het water een indrukwekkend kunstwerk dat het drama van de bootvluchtelingen verbeeldde. Ook miste ik de daklozen. Die waren wel gefotografeerd en levensgroot op bilboards afgedrukt. Daarop werd uit de doeken gedaan hoe zij met een unieke postcode 9999 actief worden opgespoord en aangemoedigd om te stemmen bij de komende nationale verkiezingen.

In een samenleving is het zaak dat alle sentimenten boven tafel komen en partijen inzien dat ze gemeenschappelijk tot een oplossing moeten komen. Nederland spreekt over het poldermodel; Denemarken poldert.