NAVO zet flitsmacht op scherp

Voor het eerst oefent de nieuwe flitsmacht van de NAVO. Nederlandse militairen doen mee.

Tanks van verscheidene NAVO-landen trekken in formatie op, gisteren tijdens de oefening Noble Jump in Zagan, in het zuidwesten van Polen.
Tanks van verscheidene NAVO-landen trekken in formatie op, gisteren tijdens de oefening Noble Jump in Zagan, in het zuidwesten van Polen. Foto’s NAVO

‘Topdag! Met zeshonderd kleinkaliberpatronen heb ik heel veel doelen omgeknald.” Robert, een bleke twintiger uit Eindhoven, houdt in een groene zee van legertenten de wacht bij een commandopost. Wat hem betreft was deze vierde dag van een militaire oefening in Polen, de mooiste. „Met groot kaliber heb ik nog eens driehonderd patronen geschoten.”

Zijn collega’s, die in de schemer op badslippers tussen de wasplaats en het tentenkamp pendelen, zijn al net zo opgewonden. „Wat we hier meemaken, kan in Nederland niet meer”, zegt luitenant Stephan. „Enorme schietbanen. En de munitie lijkt wel onuitputtelijk! Vooral de Tsjechen blijven maar doorkomen met patronen!”

Robert, Stephan en ruim tweehonderd andere ‘mobielers’ van de Luchtmobiele Brigade in Schaarsbergen maken deel uit van de multinationale legeroefening Noble Jump – een van de vier NAVO-oefeningen die nu gelijktijdig in Oost-Europa worden gehouden. Met in totaal ruim 15.000 militairen wil het westerse bondgenootschap zijn tanden laten zien. Aan de Russische president Poetin? Op de oefenterreinen hebben de militairen opdracht gekregen daar geen uitspraak over te doen. „Een nieuwe Koude Oorlog is niet aan de orde”, zegt majoor Caspar Versteegden van de Luchtmobiele Brigade. Maar NAVO-baas Jens Stoltenberg zélf laat er geen misverstand over bestaan. Over de grootschalige oefeningen en de bouw van zes nieuwe commandocentra in Oost-Europese NAVO-landen zei hij onlangs: „Dit is de grootste uitbreiding van onze collectieve militaire bescherming sinds het einde van de Koude Oorlog.”

Het antwoord van Poetin kwam al snel. „Wíj bewegen niet, het is de NAVO die steeds dichter bij onze grenzen komt”, aldus de Russische president.

Maar de tijd van verbaal spierballengerol is wat de NAVO betreft voorbij. Met Noble Jump, in het Poolse Zagan, wil de NAVO haar pas opgerichte snelle reactiemacht op de kaart zetten. Opdracht van die zogenoemde ‘flitsmacht’ (officiële naam Very High Readiness Joint Task Force ): in ijltempo elkaar helpen bij acute dreiging. Mochten er in NAVO-landen als Polen of de Baltische staten ‘groene mannetjes’ opduiken, zoals op de door Rusland geannexeerde Oekraïense Krim, dan moeten er binnen 48 uur troepen klaarstaan om de vijand af te schrikken. De afspraak daarbij is dat de stopwatch wordt ingedrukt op het moment dat in een land het verzoek binnenkomt. Precies twee etmalen later moeten troepen, voertuigen en munitie klaarstaan voor vertrek vanaf een militair vliegveld in eigen land – in Eindhoven, in het geval van Nederland. Nederlanders, Duitsers en Noren, geholpen door Tsjechen, Polen, Litouwers en Amerikanen, hebben het voortouw genomen in deze testfase van de flitsmacht. Op 1 januari volgend jaar „moet het echt op scherp staan”, zegt majoor Versteegden.

Hij hield de tijd nauw in de gaten toen hij met de ‘mobielers’ een week geleden vanuit Schaarsbergen vertrok. De wekker op 04.45 uur. Daarna met bussen naar het vliegveld in Eindhoven. En vandaar op weg – met munitie en materiaal in de buik van een Amerikaanse C-17 – naar Zagan. “So far so good, allemaal gelukt.”

Van bovenaf gezien is het een even spectaculair als gedateerd beeld. Ruim 2.000 militairen bivakkeren op een immens open veld waar Amerikaanse Blackhawk-helikopters bij het landen en opstijgen zandverstuivingen veroorzaken die letterlijk de adem benemen. In de omliggende bosschages staan pantservoertuigen en tanks opgesteld. De aanblik van een ouderwets slagveld. „De NAVO richt zeer weer op haar aloude kerntaak: het bondgenootschap verdedigen”, zo klonk het, toen vorig jaar op de NAVO-top in Wales de flitsmacht werd aangekondigd.

„We maken een U-bocht”, zegt de Nederlandse overste Ron Sensen, die ’s avonds voor zijn tent een laatste sigaret rookt. „Minder focus op kleine, specifieke missies in landen als Afghanistan. De aandacht is weer gericht op dreigingen aan de eigen buitengrens van de NAVO. De vraag is alleen: zijn wij daar allemaal even goed op voorbereid?”

In militair jargon, zegt Sensen, betekent die U-bocht een terugkeer naar major combat operations. „Staal tegen staal, noem ik het. Je kijkt de agressor straks weer in de ogen. Je gaat het gevecht aan met tanks. Maar Nederland heeft ze niet meer: we hebben onze laatste tanks verkocht.”

De gezamenlijke oefening met Europese partners is volgens Sensen „zeer nuttig”, maar ook een confrontatie met eigen gebreken. „Onze kogelwerende vesten zijn te log, waardoor je minder kans hebt in het gevecht.” Het gevolg van jarenlang bezuinigen op defensie, zegt Sensen, die in Zagan jaloers kijkt naar collega’s uit landen als Tsjechië en Polen. „Daar wordt wel geïnvesteerd.”

Hij wijst op de drukknopjes op zijn uniform. „Al een kwarteeuw niet vervangen. Als je flink in beweging bent valt alles uit je zakken. Maar we kennen inmiddels allemaal de adresjes waar je, weliswaar uit eigen zak, voor 140 euro een legerjack zónder die hinderlijke drukknopjes koopt.”

Na een paar uur slapen staan in alle vroegte commandanten uit de deelnemende landen opgesteld op President Hill, zoals de heuvel midden op het oefenterrein wordt genoemd. Donderdag zullen daar op een tribune NAVO-baas Stoltenberg zitten en defensieminister Jeanine Hennis en haar Europese collega’s. Nog één dag de tijd dus voor een generale repetitie van de ‘flitsmachtshow’.

„Ik voel een gezonde nervositeit”, zegt generaal Kees Matthijssen, commandant van de Luchtmobiele Brigade en – tot 1 januari – ook commandant van de flitsmacht. Gespannen kijkt de boomlange generaal toe als zijn Luchttmobielen een geënsceneerde aanval opzetten tegen ‘terrorist Birdman’, die zich met zijn fictieve strijders schuilhoudt in barakken aan de voet van de heuvel. Vanuit een uithoek verschijnen tanks van het Noorse Telemark-bataljon, die deinend door het rulle zand – als schepen op volle zee – Matthijssens kant op komen. Alleen de Amerikaanse Blackhawk-heli’s, die ondersteuning vanuit de lucht moeten geven, komen „te laat invliegen”. Maar verder is Matthijssen tevreden.

Natuurlijk kent hij de zorgen van hoge NAVO-diplomaten die landen als Nederland verwijten hun defensie te laten ‘verslonzen’. Matthijssen: „De Nederlandse landmacht draait in het rood, training staat onder druk. We hebben een opfrisbeurt nodig om ons die oude taken van landverdediging weer eigen te kunnen maken.”

Is Nederland klaar voor de flitsmacht? “Moreel wel, daar heeft het nooit aan gelegen”, zegt overste Ron Sensen. Nederlandse militairen zijn volgens hem Champions League-spelers. „Maar zolang investeringen uitblijven, spelen we met een lekke bal.”