In winkel, op de radio, elke Griek praat over in/uit euro

Grexit was lang taboe-onderwerp, nu niet meer.

Vijf dagen geleden leek Grexit voor de meeste Grieken nog luchtfietserij. Een abstract dreigbeeld waar tegenstanders mee schermen. Maar sinds het mislukken van de onderhandelingen zondag is vertrek uit de euro het gesprek van de dag. Het taboe is er af, maar de angst is er niet minder om.

„Verschrikkelijk. We zouden alles verliezen en nog steeds enorme schulden hebben. We zouden weer massaal gaan emigreren”, voorspelt Yannis Seferiadis (34), eigenaar van een café in Piraeus, de havenstad die aan Athene is vastgegroeid. Onder zijn klanten groeit de roep om ‘dramatische verandering’, maar hij wil zelf in de eurozone blijven. „Dat zeggen ze op basis van emoties.”

Dat geldt niet voor Aris Marinos (50). Hij werkt in de koffiehandel van zijn broer en behoort tot de groep Grieken die er al jaren van overtuigd is dat de Griekse economie te veel verschilt van de Duitse om samen een muntunie te hebben. „De euro is voor geïndustrialiseerde landen. Wij moeten het vooral van landbouw en toerisme hebben. Toen we met euro’s gingen betalen zijn we ons gevoel voor de waarde van geld kwijtgeraakt”, zegt hij bij een tussenstop voor het afleveren van bestellingen in Athene. „Wat mij betreft stappen we er uit.”

Amateureconomen buitelen over elkaar heen. Op de radio en bij de bakker vragen mensen elkaars inschatting. Maar een serieus debat over de voors- en tegens van vertrek uit de eurozone ontbreekt het nog altijd. Gedurende de hele economische crisis is Grexit een taboe geweest. Een onderwerp waar de meeste academici, opiniemakers en volksvertegenwoordigers zich verre van hielden.

„Een echt debat over de voor- en nadelen is er eigenlijk nooit geweest. Zonder voor Grexit te willen pleiten, lijkt dat me niet gezond”, zegt Nick Malkoutzis van Macropolis, een invloedrijke website met politieke en economische analyses over Griekenland. Dat komt volgens hem deels doordat zowel media als politici gelijk „in een kramp schieten” als vertrek uit de euro ter sprake komt. Bang voor onrust op financiële markten en bankruns. Wie er de afgelopen vijf jaar wel over spraken bevonden zich meestal in de extreem-linkse en -rechtse marges van de samenleving.

Met het aantreden van de Syriza-regering is die marge nu aan de macht. Econoom Costas Lapavitsas pleit al sinds het begin van de crisis voor vertrek uit de euro en publiceerde er meerdere boeken over. Eind januari werd hij namens Syriza in het parlement gekozen. Het gebrek aan debat noemt hij „het morele en intellectuele faillissement van de Griekse elite. Die maar is blijven doen alsof er maar één weg vooruit is.”

„De meeste doemscenario’s komen van banken”, zegt Lapavitsas in zijn kantoor bij het parlement. „Die hebben duidelijk belang bij vermijden van een Grexit. Zeker Griekse banken, want die zouden onvermijdelijk worden genationaliseerd.”

Zonder substantiële kwijtschelding van Griekse schuld, groot investeringsprogramma en een einde aan het bezuinigingsbeleid kan het land volgens Lapavitsas beter uit de euro stappen. De stand van de onderhandelingen geeft hem weinig reden tot optimisme. „Dan zijn we buiten beter af.”

Nu steeds openlijker over de mogelijkheid van Grexit wordt gesproken waarschuwen bankiers vooral tegen een Grexit met deze regering aan het roer. Zo zei Erik Nielsen, hoofdeconoom van UniCredit bank, deze week tegen persbureau Bloomberg dat het produceren van een eigen munt geen sinecure is „voor een regering die niet eens een barbecue kan organiseren”.

Lapavitsas neemt de meeste uitspraken van bankiers over Grexit met een korreltje zout, maar waarschuwt zelf ook dat wat nu dreigt een „chaotische Grexit’ is. „En dat is het slechtste scenario.” Daarin neemt niemand verantwoordelijkheid, geven spelers elkaar de schuld en hebben financiële markten vrij spel. „Als het tot Grexit komt, zie ik het graag op een geplande manier. Zo’n plan heeft een paar weken nodig. En ik wil benadrukken dat de Europese Unie een morele plicht heeft om ons daarbij te helpen.”

Bij de vraag of voorbereidingen worden getroffen blijft hij vaag. „We weten dat in Europa over Grexit-plannen wordt gediscussieerd, het zou een wonder zijn als dat niet ook in Griekenland gebeurde. We hebben het recht na te denken over onze reactie op de druk en op eventualiteiten.”

Volgens koffiehandelaar Aris Marinos praten Grieken over weinig anders. Aan peilingen waaruit zou blijken dat tweederde van de Grieken nog altijd in de eurozone wil blijven hecht hij geen waarde. Die zijn het resultaat van propaganda door tv-kanalen met banden met de vorige regering die was omgekocht door bankiers, zegt hij. „Deze regering zit op de juiste weg. Ik hoop dat ze de druk blijft weerstaan.”