Gruwelen Syrië gereduceerd tot liefdesverhaaltje

De vrouw kookt en praat. Meer behelst het dramatische concept niet van Oh my sweet land, van de Duits-Syrische theatermaker/actrice Corinne Jaber. Dat is op zich geen probleem; het losjes vertelde egodocument kan een interessante, volwaardige voorstelling opleveren. En de thematiek is aangrijpend genoeg: Syrië. Over verdwijningen, martelingen, gifgas en massamoord gaat het, terwijl de vrouw haar uien hakt en het vlees vermaalt. Ze maakt kibbeh; een traditioneel Syrisch vleesgerecht, op een kookplaatje.

De Palestijnse toneelauteur Amir Nizar Zuabi schreef voor Jaber een fictieve monoloog, gebaseerd op ervaringen van Syrische vluchtelingen. In Parijs ontmoet de vrouw de gevluchte Ashraf. Ze wordt zijn minnares, hij verdwijnt, zij gaat naar hem op zoek. Tijdens die zoektocht hoort ze de verhalen van andere Syriërs. Die verhalen zijn gruwelijk, en dat weten wij. We hebben de beelden van jonge gifgasslachtoffertjes gezien. En hoe graag je ook geraakt wilt worden door de materie – dat is bijkans je morele plicht – het gebeurt niet. Ondanks het gewichtige onderwerp is Oh my sweet land een oninteressante, ja soms zelfs saaie voorstelling – afstandelijk enerzijds, drammerig en sentimenteel anderzijds.

Inhoudelijk is de monoloog een affront: de complexe situatie in Syrië gereduceerd tot een liefdesverhaaltje. De tekst staat bol van de clichés (‘we vrijen omdat dat de enige manier is om elkaar te troosten’), en blijft hangen in oorlogsromantiek van angst versus veiligheid, met Jaber in de rol van verteller/heldin. Het helpt daarbij niet dat zij angst met wijd open ogen speelt, en verdriet met knipperende wimpers.