Blij met je vrijheid? Dat is al 800 jaar geleden in dit document geregeld

Deze week is het 800 jaar geleden dat de Engelse koning Jan zonder Land de Magna Carta bezegelde. Het document inspireerde onder meer de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring, Gandhi en Nelson Mandela.

Eén van de vier bewaard gebleven kopieën van de versie van Magna Carta uit 1215. De kopie is beschadigd door een brand in 1731.
Eén van de vier bewaard gebleven kopieën van de versie van Magna Carta uit 1215. De kopie is beschadigd door een brand in 1731.

Het is maar een stukje schaapsperkament. Met daarop een praktische oplossing voor een politiek probleem. Niet eens uniek toen het in 1215 werd opgesteld; andere koningen hadden eerder ook op een dergelijke manier beloofd beter te zullen regeren. En het had weinig direct effect – negen weken na bezegeling werd het document door paus Innocentius III nietig verklaard.

Toch is de Magna Carta, deze week achthonderd jaar oud, uitgegroeid tot een van de belangrijkste documenten ter wereld. Vanwege twee paragrafen – op driekwart van de tekst – die stellen dat elk individu moet worden beschermd tegen willekeurige bestraffing (lees: door de koning) en dat niemand de toegang tot rechtspraak mag worden ontzegd.

Daaruit vloeiden geleidelijk rechten over vrijheid en gelijkheid voort die nu vanzelfsprekend worden gevonden. De Magna Carta inspireerde de opstellers van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring (1776), de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (1948), het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens (1950), evenals die van de grondwetten van en de rechtspraak in meer dan 200 landen.

Het ‘grote handvest’ werd door Britse kolonisten gebruikt om ‘beschaving’ te verspreiden, en door diegenen die zich tegen de kolonisator verzetten om vrijheid te eisen. Nog in 1947 schreef het Colonial Office dat er vooral geen gehoor gegeven moest worden aan het verzoek tot een Magna Carta-viering: „kwaadwillende koloniale politici” zouden het bij hun vrijheidsstrijd kunnen gebruiken.

Suffragettes wezen op de Magna Carta bij hun eis voor stemrecht voor vrouwen, Gandhi noemde in 1914 een wet waarmee Indiërs in Zuid-Afrika bepaalde rechten kregen „de Magna Carta van onze vrijheid in dit land”, Nelson Mandela verwees ernaar in zijn beroemde Rivonia-toespraak in 1964, waarna hij levenslange gevangenisstraf kreeg.

Of recenter: rapper Jay-Z noemde een van zijn albums Magna Carta… Holy Grail, en zei geïnspireerd te zijn door paragraaf 40: „Niemand zullen we de toegang tot het recht ontzeggen.” Hij presenteerde de cover in de kathedraal van Salisbury, waar een van de vier overgebleven handvesten uit 1215 ligt.

Een onderkoelde herdenking

Wie in Runnymede, iets ten zuidoosten van Windsor, rondloopt, merkt nauwelijks iets van het belang van de plek. Hier bezegelde, vermoedelijk op een eilandje in de Theems waar toen een klooster lag, koning Jan zonder Land (King John) achthonderd jaar geleden de Magna Carta. Nu staat het er ’s zomers vol wilde weidebloemen. Het zou er vreedzaam zijn, ware het niet dat het weiland wordt doorkruist door de A308. Om de paar minuten komt er bovendien een vliegtuig over. Het enige dat verwijst naar de Magna Carta is een kitscherig tempeltje, neergezet door de American Bar Association.

Die onderkoeldheid waarmee de Magna Carta in Runnymede wordt herdacht, is symbolisch. Zoals Lord Bingham, tot 2008 de hoogste rechter in Engeland, ooit zei: „Het belang van de Magna Carta ligt niet in wat er daadwerkelijk staat, maar wat latere generaties claimden en geloofden dat er staat.”

Want de Magna Carta was door de 25 baronnen nooit bedoeld als een document met grondrechten. Het was een verdrag tussen een koning en de adel dat een tijdelijke staakt-het-vuren moest inluiden. Met 63 paragrafen over onder meer de exploitatie van bossen, visrechten, en een verbod op het uithuwelijken van adellijke weduwen in ruil voor geld.

„Het was een erg Engelse overeenkomst”, vertelde historicus David Starkey eerder dit jaar op een bijeenkomst over de Magna Carta: „Twee partijen kwamen iets overeen en schudden elkaar de hand.” En met overdrijving: „Hij ging nog geen week mee. Het was een product van chaos, met standpunten die makkelijk in het gehoor lagen, maar niet per se geïmplementeerd hoefden te worden.”

Starkey wijst er graag op dat de regeerperiode van Henry VII ruim twee eeuwen later erger was dan die van Jan zonder Land, en dat de Magna Carta dus geen einde maakte aan absolutisme. „Juristen halen graag aan dat de rechtsstaat met de Magna Carta begon. Dat is een verzinsel. Daarmee halen ze het uit zijn historische context. Daar waren nog een burgeroorlog en een revolutie voor nodig.”

Want het document zou in de vergetelheid zijn geraakt als parlementsleden in de zestiende eeuw niet een stok zochten om Charles I mee te slaan. Hij hief belasting zonder goedkeurig van het Lagerhuis, en zette zonder enige vorm van rechtspraak mensen vast die weigerden te betalen. Lagerhuislid Edward Coke wees erop dat de Magna Carta nog steeds van kracht was – Jan zonder Land had immers zijn beloften ook namens zijn erfgenamen gedaan – en stelde een moderne versie op, die Charles uiteindelijk ondertekende.

Pelgrimages van Amerikanen

‘Geen belasting zonder vertegenwoordiging’ werd een eeuw later ook de strijdkreet van de Amerikaanse kolonisten. De Magna Carta rechtvaardigde (samen met het Nederlandse Plakkaat van Verlatinghe uit 1581) volgens hen de scheiding van de Engelse koning.

Het is de reden dat Amerikanen vaak een pelgrimage maken naar Runnymede – vandaar ook het tempeltje, vertelt sir Robert Worchester, voorzitter van de Magna Carta 800-vereniging. Hij is zowel Amerikaans als Brits staatsburger. „Ik herinner me de eerste keer dat ik de Magna Carta zag, op de Wereldtentoonstelling in New York. Ik was zeven. Toen ik na de Korea-oorlog als officier via Engeland terugkeerde naar de VS, wilde ik per se de Magna Carta in het British Museum zien.”

Worchester noemt het document „het beroemdste exportproduct van Engeland”. Worchester, oprichter van peilbureau Mori, zegt: „Overal waar je komt, zelfs al is het geen democratie, heeft men van de Magna Carta gehoord.” Dat wordt beaamd door bijvoorbeeld Lord Faulks, staatssecretaris voor Justitie. Hij vertelde eerder dit jaar op de Magna Carta-bijeenkomst dat hij in Kazachstan was, waar „men zich wellicht niet bewust is van de historische context, maar wel van de rechten die voortvloeien uit de Magna Carta”.

Viering leidt tot debat

In het Verenigd Koninkrijk heeft de viering het al stevige debat over de Britse deelname aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verhevigd. Sommige Britten vinden dat de invloed van dat Straatsburgse hof te ver gaat. Zo zei premier Cameron in oktober op het partijcongres van de Conservatieven: „Dit is het land dat de Magna Carta opstelde, het land dat keer op keer opkwam voor de mensenrechten. (..) Wij hebben geen rechters in Straatsburg nodig die ons opdrachten geven.”

Anderen vinden dat de regering-Cameron juist zelf de principes van de Magna Carta negeert. Advocate Dinah Rose, die onder anderen Wikileaks-oprichter Julian Assange vertegenwoordigt, wees er tijdens de Magna Carta-bijeenkomst op dat Cameron door bezuinigingen in de rechtsbijstand en verhoging van tarieven de toegang tot de rechtspraak juist heeft beperkt. Zelfs na achthonderd jaar „is de Magna Carta nog geen waardeloos prul”, zei ze.