Veel terug-van-weggeweest bands

Het festival wil vernieuwen maar juist oude bekenden deden het goed op de 46ste editie. Slash trad op alsof hij nog deel van Guns ‘n Roses was, Robbie Williams deed Queen herleven. Maar waar blijven de vrouwen toch?

De wensdroom om meer vernieuwing op Pinkpop zal altijd blijven. Maar als die vernieuwing komt in de vorm van Avicii, de glamourboy van de EDM, hoeft dat niet meer. Zijn optreden was nietszeggend vlak en voegde niets toe.

Na een zichzelf overtreffende editie van vorig jaar met een aantal topzware headliners grossierde Pinkpop deze editie in de aardige, echter weinig lang nadreunende optredens. Op een paar uitschieters na: om zijn kracht en souplesse (de zware headliner Muse), om zijn humorvolle muziekentertainment (Robbie Williams), om zijn geoliede feestelijkheid (rapper Typhoon) en om zijn spraakmakende en ronkende act (rockband John Coffey).

Wie ging de Foo Fighters vervangen?

Deze 46ste Pinkpop gaat echter vooral de boeken in als de editie waar de slotact Foo Fighters onverhoopt moest afzeggen en waarvoor in allerijl vervanging moest worden gezocht.

Geruchten over andere vervangers, Paul McCartney, The Prodigy en Marilyn Manson ten spijt, in de Belgische rockband Triggerfinger was voor Jan Smeets de makkelijkste oplossing gevonden om de topact van de vermaledijde Dave Grohl, die zijn been brak, te vervangen. En: Triggerfigger was een waardig, stevig rockend alternatief. „Dames en heren, wij zijn Foo Fighters niet. Wij zijn Triggerfinger,” zei frontman Ruben Block. Omdat Triggerfinger ’s middags een plek kreeg, werd Pharrell Williams dé afsluiter van het Pinkpopweekend. Hij moest zijn show daarvoor wel een half uur verlengen.

Omgeven door danseressen en geflankeerd door twee vocalisten bracht een energieke Pharrell (Engelse pet, bloemenjasje) een regen aan dansbare hits. Het was een show die sterk leek op wat hij vorig jaar op North Sea Jazz liet horen. Naast de bekende nummers van zijn album GIRL speelde hij de hits van N.E.R.D. en was er een blokje met zijn eigen producties (The Neptunes). ‘Frontin’’, ‘Hunter’, ‘Marilyn Monroe’ naar ‘Lapdance’ - waarvoor hij crowdsurfers op het podium haalde - en ‘She Wants To Move’ klonken amper verschillend met hoe ze op de albums staan. Jammer ook dat de zanger steeds dacht in Amsterdam te zingen. Hij sprak Landgraaf aan met: „Hello Amsterdam!”

Zowel zaterdag als zondag waren er 70.000 bezoekers. De vrijdag was niet uitverkocht. Op Pinkpop, waar frituur en bier sinds jaar en dag domineren, heeft de horeca intussen, en gelukkig, een leuke slag gemaakt met gezonder, biologisch eten. En ja, zelfs culinaire exotica heeft een plek met gefrituurde krekels op stekels en loempia’s met meelwormen. De Kalm Aan laan blijft een leuk afgezonderd plekje. Daar had voor de tweede keer het Bonnefantenmuseum een Pinkpop-up museum dat werk van Ed Templeton en Cedar Lewisohn toonde. De Garden of Love was een andere leuke noviteit: een romantisch veldje met zitzakken rondom bomen, een plek om liefde te bezegelen met liefdesslotjes en een handvol aanstormend singer-songwriter talent.

Pinkpop had weer veel optredens van Nederlandse bands. En groot was de worp tamelijk ongevaarlijke tienerpoplievelingen zoals The Script, Sheppard (Say! Geronimo!) en One Republic.

Opvallend weer was het geringe aantal vrouwelijke artiesten op deze Pinkpop. Hoe bestaat het toch, Anouk was de enige vrouw op het hoofdpodium. Kovacs en Paloma Faith zongen in de roze tent en de frêle indrukwekkend optredende Aurora debuteerde op het vierde podium.

Een aantal Nederlandse bands bekroonde er hun succes van een mooi jaar: John Coffey met hun snel naar de top gestegen hardcore kolkrock. Een zelfbewuste Selah Sue met pit. Dotan met een hele mooie ontwikkelde set. Voor dit soort ingetogen pastorale pop neemt het publiek zijn moment in het gras.

Anouk revancheerde zich op haar recente matige show in de Ziggo Dome. De band was nu hechter en zij zong beter - er zijn al wat festivaloptredens achter de rug. Al is de zangeres op slippers, die zich normaliter met een haast Spartaans trainingsregime op concerten voorbereidt duidelijk nog niet in de vorm die zij ook zelf ambieert. Dat bleek toen ze op een zeker moment na het uptempo en stevige ‘Jerusalem’ nadrukkelijk koos voor het rustigere ‘Lost’. Dat kostte haar minder energie, legde ze uit. De versie die ze zong was mooi en gevoelig. Ze verontschuldigde zich prompt naar het publiek: „Is dat dikke lijf toch nog ergens goed voor.” Anouk-humor.

De Jeugd: voorspelbaar, met impact

Met parasailers boven het terrein vierde de opvallendste hiphopcrew van ons land, De Jeugd van Tegenwoordig, ook hier zijn jubileumfeestje. De ongein op strakke beats is intussen een voorspelbare greatest-hits-show die evengoed impact had.

Dit festival stond de revival van veel bands centraal. Zoals Faith No More, dat zijn hits prettig terughaalde. In de show van gitarist Slash, die al een tijdje samen met Myles Kennedy optrekt. Guns ’n Roses was met klassiekers als You Could Be Mine niet ver weg. Slash met zijn hoge hoed, de zwarte krullendos en de ogen achter de spiegelzonnebril, bracht het onverslijtbare gitaarintro van ‘Sweet Child O' Mine’ alsof het gisteren was.

Let me entertain you

De beste en vrolijk makende terugkomst was die van de Britse zanger Robbie Williams. Wat een vermakelijk einde van de zaterdagavond. Het was zestien jaar geleden sinds hij zijn Pinkpopshow in 1999 startte met ‘Let Me Entertain You’, maar hij begon er gisteravond gewoon weer mee, na een warm „goedenavond motherfuckers”. Met hinkstapsprongen ging het concert door de succesjaren van zijn carrière: grote hits als ‘Rock DJ’, ‘Come Undone’, ‘Candy’ (waarvoor de aantrekkelijke fan maar weer eens uit het publiek werd getrokken) en ‘Angels’.

Williams’ show was een hitcarrousel die draaide op humor en zelfspot („toen ik nog een superster was”). Zijn wisselende zang diende je er een beetje bij te negeren. En ook dat Williams las van de autocue, veel overliet aan zijn achtergrondzangeressen en vaak de draad kwijtraakte. Een muzikaal rommeltje eigenlijk. Wie komt daarmee weg? Maar Williams’ grote vermogen te entertainen nam het over en liet het een memorabele revueshow worden met enkele hoogtepunten. Zoals het ingetogen ‘She’s The One’ met muziekpartner Guy Chambers op de piano, en een massaal ‘Bohemian Rhapsody’.