Linkse burgemeesters leiden Spanjes grootste steden

Burgemeester van Madrid, Ada Colauen burgemeester van Barcelona, Manuela Carmena komen op voor de armsten in grootste twee Spaanse steden.

Ze waren nog nauwelijks beëdigd of de nieuwe burgemeesters van Madrid en Barcelona stelden een daad door hun eigen salaris terug te brengen naar zo’n 45.000 euro per jaar. Manuela Carmena (71) en Ada Colau (41) wilden aangeven dat ze hun post niet voor zichzelf bekleden, maar met name voor de onderste laag van de bevolking. Het socialisme regeert in het stadhuis van de twee grootste Spaanse steden.

Carmena had tot voor kort eigenlijk helemaal niets op met politiek. Pas op het laatste moment werd ze overgehaald de lijst van Ahora Madrid aan te voeren. Een gouden greep van de nieuwe Madrileense partij – waarvan het populistische Podemos deel uitmaakt. Carmena sloot na de verkiezingen een coalitie met de socialistische PSOE en wist zo na 24 jaar de macht over te nemen van de conservatieve Partido Popular.

De geboren Madrileense rondde in 1965 haar rechtenstudie af en verbond zich daarna aan de Spaanse communistische partij. Onder het regime van dictator Francisco Franco kwam ze op voor de rechten van arbeiders. In 1977 ontsnapte ze aan de dood toen bij een aanslag van extreem-rechts in het centrum van Madrid vijf advocaten werden doodgeschoten. Carmena werd later rechter van het Hooggerechtshof en ging in 2010 met pensioen.

Als burgemeester van Madrid begint ze aan een tweede leven. Ze heeft al direct aangekondigd op te zullen komen voor de armsten van de stad. Zo wil ze voor iedereen water en licht garanderen, medische hulp beschikbaar stellen aan illegalen en de keukens van de scholen tijdens de zomervakantie openhouden zodat ieder kind te eten heeft. Daarnaast wil Carmena banen scheppen voor jongeren en langdurig werklozen.

In Barcelona is de voormalige activiste Ada Colau het gezicht van een nieuwe politieke stroming. Sinds zaterdag is ze de eerste vrouwelijk burgemeester van de hoofdstad van Catalonië. Als leider van het platform Barcelona en Comú – waarvan Podemos deel uitmaakt – kreeg ze de benodigde steun van drie linkse partijen. „Dank dat jullie het onmogelijke mogelijk hebben gemaakt”, waren haar eerste woorden als burgemeester.

Colau werd landelijk bekend toen ze tijdens een hoorzitting als activist van het Platform voor Hypotheekgedupeerden haar visie op de Spaanse woningmarkt mocht geven. Ze pleitte voor versoepeling van de draconische Spaanse hypotheekwet. Colau maakte een gezant van de bankensector uit voor „crimineel” en weigerde die kwalificatie terug te nemen.

De in Barcelona geboren Colau voelde aanvankelijk niets voor een politieke carrière. Ze dacht als activist meer te kunnen bereiken. Daar is Colau van teruggekomen. Als burgemeester kondigde ze vrijwel direct aan dat gedwongen huisuitzettingen in Barcelona voortaan verboden worden als er geen vervangende woonruimte wordt aangeboden.

Maar Colau wil meer zijn dan een burgemeester met maar één programmapunt. Ze zet in op sociale programma’s, ze wil het toerisme in betere banen leiden en corruptie aanpakken. Daarmee lijkt het debat om een onafhankelijk Catalonië – dat de afgelopen jaren alles overheerste – in elk geval voor even verstomd.