Gevoelig portret van onbevangen kindertijd

Scène uit ‘Summer of ‘96’ door NT Jong, in het VMBO op Midsland, Terschelling
Scène uit ‘Summer of ‘96’ door NT Jong, in het VMBO op Midsland, Terschelling Foto Geert snoeijer

Het is 1996: vijf vrienden, op weg naar groep 8. Hun solidariteit is volkomen vanzelfsprekend; zij maken nog geen onderscheid. Maar het publiek ziet het al: nerd, lefgozer, allochtoon, het slimme meisje en de schoonheid. Subtiel geeft de tekst doorkijkjes naar hun thuissituatie – dominante moeder, gewelddadige vader, klein huis – maar het krijgt geen nadruk, zoals je dat als kind niet aan dat soort zaken gaf. Afkomst, milieu, IQ; ze bestonden niet. Die vriendschap was er gewoon, en die zou blijven. Sanne den Hartogh, Sadettin Kirmiziyüz, Mingus Dagelet, Hannah Boer en Judith Noyons spelen de kinderen gretig en geestig op het plein van de VMBO in Midsland. Ze houden spreekbeurten en fantaseren over de toekomst: 2015, als de ozonlaag verdwenen is, en er vliegende auto’s zullen zijn; het is ontroerend, nostalgisch futurisme.

Sprong in de tijd: het publiek verplaatst zich naar de aula, en de voormalig vrienden, eind twintig nu, blikken in een theatraal concert terug op hun jeugd, en het moment dat hun verdere levensloop bepaalde: de Cito-toets. Opeens werden ze gedefinieerd in termen van carrièrekansen. Nieuwe scholen en dito vrienden vormden hun identiteit, zozeer dat ze zich nauwelijks nog voor kunnen stellen ooit bevriend te zijn geweest. En intussen kent iedereen zijn eigen teleurstelling en tragiek.

The summer of ’96 gaat over kansen in het leven, en in hoeverre die afhangen van afkomst, intelligentie of scholing (het genuanceerde antwoord is: soms wel, soms niet). Maar bovenal is het een gevoelige ode aan die onbevangen kindertijd, toen die vraag er nog helemaal niet toe deed. Terecht eindigt de voorstelling weer in 1996, met een even hilarische als slim gelaagde terugblik op de schoolmusical. (HW)