Complete, totale openheid aub

Zoals het er nu voorstaat vindt vanaf april 2016 dus een bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker plaats, dat mede is gebaseerd op de adviezen van een hoogleraar die daar commerciële belangen bij heeft. Zulke belangen kunnen op zichzelf al afbreuk doen aan het gewicht van de adviezen. Maar het feit dat betrokkene, hoogleraar pathologie Chris Meijer, die belangen niet of onvoldoende duidelijk vermeldde, is veel ernstiger. Het zet eigenlijk dat hele bevolkingsonderzoek op losse schroeven. Een publicatie in NRC Weekend laat zien dat Meijer aandelen heeft in bedrijven die testproducten maken die uitgerekend in dát onderzoek gebruikt kunnen worden. En ook moeten worden, als het aan de hoogleraar/ondernemer ligt.

Zwijgen over zakelijke belangen tast dus de onpartijdigheid en objectiviteit van de wetenschapper aan. Het raakt de kern van integere wetenschapsbeoefening. De vraag is onmiddellijk wiens belangen de hoogleraar diende, die aan de wieg stond van dit type onderzoek en groot kenner is van de aandoening. Die van de patiënt of van hemzelf? Oud-voorzitter Jan Sixma van de Gezondheidsraad stelde de vraag zaterdag het scherpst: „Hoe weten patiënten anders of ze de beste, of de meest lucratieve behandeling krijgen?”

Maurizio Tonetti, hoofdredacteur van het Journal of Clinical Periodontology, schreef vorig jaar: „We zijn collectief afhankelijk van complete openheid, omdat we anders de integriteit van onze wetenschap ondermijnen, en, uiteindelijk, de validiteit van toekomstige behandelingen van hulpbehoevende patiënten.” Toen waren twee Groningse hoogleraren tandheelkunde de aanleiding. Zij lieten hun aandelen in een bedrijf voor mondwater onvermeld in hun wetenschappelijke artikelen over slechte adem. Dat leidde tot een berisping van de universiteit.

De norm van absolute transparantie en vrijwillige toetsbaarheid lijkt in de wetenschap nog niet overal even sterk te leven. Althans, voorzitter Katrien Grünberg van de Vereniging van Pathologen noemt het vergoelijkend „iets van de laatste jaren” dat nog „tijd nodig heeft” en ook pas echt staande praktijk is sinds 2009. Meijer ging in 2010 met pensioen en meende daarom niet te zijn gebonden aan deze regels. Dat is allemaal slappe thee. Een wetenschapper kan ook zelf bedenken dat eigenbelang je geloofwaardigheid schaadt, zeker als je die geheim houdt. Het VU-ziekenhuis vraagt nu de ombudsman een onderzoek. Minister Schippers vraagt de Gezondheidsraad belangenverstrengeling bij adviseur Meijer te onderzoeken. Dat is een ingewikkelde opdracht voor een Raad die zelf Meijer vroeg, diens advies (verkeerd?) woog en daarna de beslissing nam. Een onafhankelijk onderzoek was hier beter geweest.