Gin City

Schiedam wordt rijk van gindrinkende hipsters

Foto iStock

Gin is wat je hipsters voorzet in een groot bol glas gevuld met ijsblokjes en tonic. Jeneverstad Schiedam maakt het, net als wodka.

Schiedam is al eeuwenlang de jeneverhoofdstad van de wereld. Maar tegenwoordig moet je zeggen: Gin City. Loopuyt Gin omspant die hele geschiedenis. Jan van Stigt Thans (53) kocht de naam Loopuyt jaren geleden. In de achttiende eeuw was Pieter Loopuyt jeneverstoker en hij verzekerde scheepsladingen. Jan van Stigt zette Loopuyt Gin als hip merk in de markt, én hij verkoopt verzekeringen.

Jan van Stigt Thans verpersoonlijkt de wederopstanding van Schiedam als stokersstad, maar hij is bepaald niet de enige die weer brood ziet in de aloude borrel. Ook uit Schiedam komt Bobby’s Gin, in Vlaardingen stoken Leo Fontijne en Sietze Kalkwijk VL92. Het veel grotere Nolet liet zo’n tien jaar geleden een nieuwe molen bouwen – niet om, zoals de traditie wil, het graan te malen, maar om de distilleerderij die Ketel 1 jenever en Ketel One Vodka maakt, van energie te voorzien.

Want wodka is net als gin de voortzetting van jenever met andere middelen. Jenever werd oorspronkelijk gemaakt op basis van moutwijn en op smaak gebracht met de jeneverbes. Dat spulletje lustten ze overal wel: jenever was een belangrijk exportartikel, nog tot de Tweede Wereldoorlog. In de negentiende eeuw werd in Engeland jenever nagemaakt tot een Schiedamse brander daar langs juridische weg een stokje voor stak. De Engelse stoker vond, door het toevoegen van andere ingrediënten, zodoende de London Dry Gin uit, die hij overigens niet mocht verkopen in flessen die op die uit Schiedam leken.

Nu zijn de jenever- en ginoorlogen voorbij, zodat dit weekend het jaarlijkse Jeneverfestival kan samenvallen met World Gin Day. Dat betekent dat er niet alleen in Schiedam kan worden geborreld. Het Rotterdamse Barrelproof, dat onder meer door workshops de kennis van sterkedrank wil stimuleren, viert gindag samen met club Ballroom.

Het was Neil Houston die in 2009 World Gin Day bedacht om met zijn vrienden een goed excuus te hebben om gin te drinken. Intussen wordt dat excuus over de hele wereld gebruikt. De Facebookpagina heeft meer dan 17.000 likes.

En wodka dan?

Ook weer hip. Ook vanuit een jeneverstoker. Distilleerderij Nolet, opgericht in 1691, produceert sinds 1977 de jonge jenever Ketel 1. Carel Nolet wilde vooruit in de wereld. Dat hij zijn borrel in de Verenigde Staten aan de straatstenen niet kwijt kon, bracht hem op het idee om de wodkavariant Ketel One te maken. Zijn marketingtruc werkte: hij ging cafés langs waar het barpersoneel uit de stad na het werk zelf kwam drinken. Hij leerde hen de Schiedamse wodka kennen zodat zij nu tegen hun klandizie zeggen: “Dit is wat ik thuis drink.” In 2008 verkocht Nolet de helft van de marketing- en distributierechten van Ketel One Vodka aan een drankengroothandel voor 600 miljoen euro.

Met de introductie van Ketel One Gin verzekerde het familiebedrijf Nolet zich in 2011 van een nieuwe afzetmarkt, als om ook van zijn kant te laten zien dat sterkedrank en verzekeringen goed samengaan.