Extreme en minimalistische dans door Greco en Scholten

Pieter C. Scholten en Emio Greco spelen met hun twee dansgezelschappen in Carré.

In Extremalism verschijnt danser/choreograaf Emio Greco (49) in dertigvoud. Na twee decennia samenwerken met regisseur Pieter C. Scholten (52) vormt Greco’s kleine, gespierde, hypersensitieve en expressieve gestalte nog steeds de basis van het werk van het Italiaans-Nederlandse choreografiekoppel. Ook als hij niet zelf op de planken staat, maar wordt vertegenwoordigd door ‘één lichaam van dertig individuen’, zoals in deze Holland Festivalproductie. Zes dansers van hun groep ICKamsterdam treden op met 24 dansers van het Ballet National de Marseille, het gezelschap waarvan zij sinds september vorig jaar eveneens de artistieke leiding voeren.

In Extremalism (een samentrekking van extremiteit en minimalisme, twee kenmerken van hun danstaal) blikken zij terug op hun oeuvre. Om vooruit te kijken, benadrukt Scholten. Maar toch: „We gebruiken meer bestaand materiaal dan gedacht. Het is zo rijk, het zou stom zijn het te laten liggen.”

Voor deze trip zijn ze in hun oude aantekenschriften gedoken en hebben ze VHS-banden bekeken. Scholten, de prater van het duo, verbaast zich over de tijdloosheid van hun werk dat hem, uitgevoerd door andere dansers, met een andere fysiek en intensiteit, nieuwe kwaliteiten toont. „Misschien verliest het iets, maar het krijgt ook een nieuwe richting.”

Zo werken zij: continu discussiërend, in een dynamische balans zonder evenwicht. Hun choreografieën zijn niet gedacht vanuit een bewegingscompositie maar vanuit situaties met elk hun eigen, fysieke oplossing. In Marseille hebben zij die benadering moeten overbrengen op dansers die zij niet allemaal zelf hebben geselecteerd, van de van oorsprong op klassieke leest geschoeide groep. Maar, zegt Greco: „De dansers zijn gelukkig, voelen zich uitgedaagd. Ze ervaren een nieuwe taal.”