De nieuwste vijand komt van binnen en hij heet ‘BDS’

Pleidooien voor boycots, desinvesteringen en sancties maken heftige reacties los.

Oproep in Bethlehem tot boycot van Israëlische producten uit illegale nederzettingen.
Oproep in Bethlehem tot boycot van Israëlische producten uit illegale nederzettingen. Foto Thomas Coex / AFP

Israël is in paniek, en deze keer is niet Iran of Hamas de boosdoener. Het kwaad heet nu ‘BDS’ – een afkorting van Boycot, Desinvesteringen en Sancties. Drie keer in één week was er sprake van een boycot van Israël: eerst de Palestijnse voetbalbond die Israël wilde schorsen als lid van de FIFA, toen de Britse studentenbond die een boycot bepleitte en tot slot het wereldwijde mobieletelefoonnetwerk Orange, dat zich volgens zijn topman Stéphane Richard „morgen” nog zou terugtrekken uit Israël als het kon. Een uitspraak die hij niet veel later schielijk introk.

De politici en de kranten in Israël, behalve de meest linkse, gaan fel tekeer tegen BDS. Premier Netanyahu noemde de beweging „antisemitisch”, en oppositieleider Herzog vergeleek een boycot zelfs met „een nieuwe intifada”. Even leek het alsof de hele wereld zich tegen het land had gekeerd.

Juist door de heftige Israëlische reacties kan BDS een overwinning claimen. De beweging vindt haar oorsprong in 2005, toen 171 Palestijnse niet-gouvernementele organisaties een campagne begonnen tegen de Israëlische bezetting, voor gelijke rechten van Arabieren in Israël en voor het recht op terugkeer van Palestijnse vluchtelingen. Om dit voor elkaar te krijgen, zouden een boycot, desinvesteringen en sancties de geëigende manier zijn, besloten de organisaties.

In haar mildste vorm bepleit de beweging het etiketteren van producten die in illegale nederzettingen zijn gemaakt, om misleiding van consumenten – Made in Israel – tegen te gaan. In deze vorm heeft BDS de steun van de Europese Unie, die werkt aan een Europees etiketteringsbeleid.

Boycotacties

Feller zijn degenen die vinden dat de bezetting pas ten einde kan komen als alle Israëlische producten worden geboycot. Deze stroming in de BDS-beweging roept bijvoorbeeld popsterren op om niet meer op te treden in Tel Aviv. Ook culturele of academische boycots worden door deze groep gepropageerd.

Diverse internationale notabelen zich achter de BDS-beweging geschaard. Bekend zijn onder anderen de wetenschapper Stephen Hawking, schrijfster Naomi Klein en aartsbisschop Desmond Tutu.

Een beproefde BDS-methode is om bedrijven en overheden die zich inlaten met illegale nederzettingen onder druk te zetten. Ook Nederlandse bedrijven zijn hier gevoelig voor. Zo besloot pensioenfonds PGGM vorig jaar niet meer te beleggen in vijf Israëlische banken die de bouw van illegale nederzettingen financieren, en verbrak waterbedrijf Vitens twee jaar geleden de samenwerking met een Israëlische firma die nederzettingen van water voorziet.

Hier dringt de parallel met Zuid-Afrika zich op. In dat land bleek een culturele en sportboycot enkele decennia geleden de opmaat tot het einde van het apartheidsregime. Israëlische politici reageren nogal giftig als de vergelijking met Zuid-Afrika wordt gemaakt, omdat er volgens hen veel meer verschillen dan overeenkomsten zijn tussen de twee regimes.

Voorlopig loopt Israël nauwelijks economische schade op door de boycotbeweging. Een rapport van de Knesset van begin dit jaar concludeerde dat de export naar Europa sinds 2005 juist is verdubbeld, van jaarlijks 7 naar 14 miljard euro. Zelfs als Europa alle producten uit nederzettingen zou boycotten, zou dit Israël hooguit 90 miljoen euro kosten. Ook het terugtrekken van Orange zal geen pijn doen.

Toch zit Israël niet stil. Deze week onthulde de linkse Israëlische krant Haaretz dat de regering-Netanyahu al haar diplomaten in Europa de opdracht heeft gegeven om te lobbyen tegen het voorgestelde etiketteringsbeleid voor producten uit nederzettingen in Palestijns gebied.

Binnenlandse politiek

Dit komt deels voort uit Israëls vrees voor aantasting van zijn positie. Ook al beschouwt het grootste deel van de internationale gemeenschap de al 48 jaar durende bezetting als illegaal, tot nu toe komt Israël er aardig mee weg. Zelfs tegen het voortdurend uitbreiden van illegale nederzettingen treedt de internationale gemeenschap nauwelijks op. Maar als de BDS-beweging erin zou slagen om de illegaliteit van de bezetting in de hoofden en harten van het westerse publiek te planten, heeft Israël een probleem.

Een ander argument om hard tegen de BDS-beweging op te treden, is de binnenlandse politiek. Israëlische kiezers stemmen op politici die laten zien dat ze zich tot het uiterste inspannen om voor hun land op te komen. Vandaar dat de overgrote meerderheid in de Knesset, van het centrum-linkse Zionistische Kamp tot de ultranationalisten van Het Joodse Huis, om het hardst schreeuwt dat de boycotters aangepakt moeten worden. En over de bezetting geen woord.